Nazaten Graven van Orléans

 

vinsgouw1. Gerold van de Vinzgau
Geboren circa 740, overleden in 799) was een Frankische edelman die een belangrijke rol speelde in het bestuur in Zuid-Duitsland. Zijn ouders zijn onbekend. Gerold was getrouwd met Imma, dochter van Hnabi en Hereswind. Gerold en Imma waren schoonouders van Karel de Grote.

Gerold is afkomstig uit Rijnland had daar en in de Elzas grote bezittingen, Imma had vermoedelijk grote bezittingen in de Bertoldsbaar. Hij was een van de Frankische edelen die in Allemannië op hoge posities werden benoemd en werd graaf van de Kraichgau en de Anglachgau. Later werd hij ook graaf van de Vinzgau. Hij wordt samen met Imma vermeld in 779 bij een schenking aan het Nazariusklooster en in 784 bij een schenking aan de abdij van Lorsch. In 788 werd hij prefect van Beieren na het afzetten van Tassilo III van Beieren en leverde een belangrijke bijdrage aan de integratie van Beieren in het Frankische rijk. Wordt markgraaf van de Avaarse Mark nadat die in 791 door Karel de Grote is ingesteld. Hij stierf in 799 tijdens een veldtocht tegen de Avaren.

Gerold en Imma kregen de volgende kinderen:

  • Erik van Friuli: (ovl. 799). Legeraanvoerder van Pepijn van Italië tegen de Avaren en de Kroaten. Vanaf 791 verslaat hij in een aantal veldtochten de Avaren en vergaart grote buit. Hij werd in 799 gedood door verraad van de inwoners van de stad Trsat in Kroatië.
  • Hadrianus van Orléans (Volgt 2)
  • Gerold, volgens Foundation for Medieval Genealogy is hij de Gerold in Beieren en de Avaarse Mark, in plaats van zijn vader.
  • Udalrich
  • Hildegard (ca. 758 – 30 april 783), vrouw van Karel de Grote (Volgt stamreeks Karel de Grote XXIII nr. 1)
  • Erbio (ovl. voor 793)

2. Hadrianus van Orléans
Geboren circa 760, overleden in 821. Graaf van de Wormsgau en Orléans, paltsgraaf.
Hij was getrouwd  met Waldrada van Hornbach. Doet in 793 een schenking voor het zielenheil van Erbio.
Zoon:

  • Odo van Orléans (Volgt 3)

 

3. Odo van Orléans
Geboren circa 780, overleden juni 834. Hij was een vooraanstaande hoveling van Karel de Grote en Lodewijk de Vrome. Odo was zoon van Hadrianus van Orléans en Waldrada van Hornbach. Zijn vader was zwager van Karel en daardoor was Odo een volle neef van Lodewijk, via diens moeder. Hij had dus uitstekende connecties en was daarbij ongevaarlijk omdat hij geen aanspraken op de troon had, de ideale combinatie voor een carrière aan het hof. Hij was een trouwe aanhanger van Lodewijk de Vrome en een gunsteling van diens tweede vrouw Judith van Beieren.

In 810 was hij keizerlijk gezant naar Oost-Saksen en werd gevangengenomen door de Wilzen (een Slavische stam). Een jaar later maakte hij deel uit van delegatie die vrede sloot met de Denen. In 821 werd hij benoemd tot graaf van de Lahngouw. In 826 werd hij opperschenker van de palts te Ingelheim. Een jaar later werd hij graaf van Orléans als opvolger van Matfried, die samen met Hugo van Tours was afgezet wegens lafheid. Odo werd een bondgenoot van Bernhard van Septimanië.

In mei 830 werd Odo verslagen door de opstandige Pepijn I van Aquitanië. Door Lotharius I werd hij verbannen naar Italië. Matfried werd hersteld als graaf van Orléans. In oktober van datzelfde jaar wist Lodewijk de Vrome de macht terug te winnen en herstelde hij Odo in zijn ambt. In zijn poging om zijn macht te doen gelden krijgt hij te maken met veel verzet over zijn politiek ten aanzien van kerkelijke bezittingen. In 834 gaf Odo leiding aan een veldtocht van de strijdkrachten uit Neustrië die trouw waren aan Lodewijk, tegen de aanhangers van Lotharius: Matfried en Lambert van Nantes. Bij de grens met Bretagne wordt Odo bij een verrassingsaanval verslagen. Zelf komt hij om het leven en met hem sneuvelen zijn broer Willem, Wido van Maine en Theodo, abt van St Martin te Tours en keizerlijk kanselier. Odo wordt als schuldige aan deze nederlaag beschouwd.

Odo was getrouwd met Engeltrude, dochter van Leuthard I van Parijs (Zie Graven van Parijs nr. 2a) en Grimhilde. Zij kregen de volgende kinderen:

  • Ermentrudis, eerste vrouw van Karel de Kale  (Volgt Stamreeks Karel de Grote XXIII nr. 3)
  • Willem, in 866 gedood in Bourgondië
  • Gebhard

4. Ermentrudis van Orléans (ca. 830 – abdij van Hasnon, 6 oktober 869) was een dochter van Odo van Orléans en Engeltrude van Parijs, dochter van Leuthard I van Parijs en Grimhilde.
Zij trouwde op 13 december 842 te Quierzy op 12-jarige leeftijd met de toen 19-jarige Karel de Kale (Volgt stamreeks Karel de Grote XXIII nr. 3)
Nadat haar broer Willem in 866 in conflict met Karel was gedood, verliet zij Karel en trok zich terug in de abdij van Hasnon. Zij was beroemd om haar borduurwerk. Ze ligt begraven in de Kathedraal van Saint-Denis.
Kinderen:

  • Judith (ca. 844-na 870) (Volgt Stamreeks Karel de Grote XXIII nr. 4)
  • Lodewijk II van West-Francië (846-879)  (Volgt Stamreeks Karel de Grote I nr. 4).
  • Karel (ca. 847 – Buzzancais, 29 september 866) begraven te Bourges. 855 gekozen tot koning van Aquitanië, trouwde 862 tegen de zin van zijn vader met de weduwe van de graaf van Bourges. Verloor daarom zijn titel maar kreeg die terug nadat het huwelijk was geannuleerd. Kreeg ernstig hersenletsel en overleed daaraan na twee jaar.
  • Carloman de Blinde (847 – Echternach, ca. 877), in 854 ingetreden in de geestelijke stand. abt van de Sint-Medardus te Soissons in 860. Nam deel aan een samenzwering tegen zijn vader in 870, verloor zijn abdijen en moest vluchten. In 873 door West-Frankische bisschoppen uit de kerk gezet en daarna werden op bevel van Karel zijn ogen uitgestoken. Hij werd opgesloten in de abdij van Corbie maar ontsnapte naar zijn oom Lodewijk de Duitser, die hem abt van de abdij van Echternach maakte.
  • Lucretia (ca. 850 – 884)(Volgt Stamreeks van Karel de Grote (XIV) nr. 4), trouwde met Radbout II van Egmont, 3e Heer van Egmond  (Volgt Heren van Egmont nr. 3)
  • Lotharius ( – Auxerre, 865), vanaf zijn geboorte verlamd, abt van Moutiers-Saint-Jean en later van de Abdij van Sint-Germanus van Auxerre.
  • Hildegardis.
  • Ermentrudis, ( – na 877) abdis van Hasnon in de Oosterbant.
  • Gisela.
  • Rothrudis ( – na 889), abdis van Sainte-Radégonde te Poitiers en van Andlau.