Delft

Delft in 1652 door Bleau

 

DElft in 1793 door de Nederlandsche Dorpsbeschrijver.

Delft is een stad en gemeente in Zuid-Holland in Nederland, gelegen aan de Schie, tussen Den Haag en Rotterdam. Op 30 april 2017 telde de gemeente Delft 101.007 inwoners (bron: CBS).

Delft heeft een historische binnenstad, ontwikkelde zich in de 19e eeuw tot industriestad en profileert zich tegenwoordig, met de aanwezigheid van een Technische Universiteit en de onderzoeksinstituten TNO en Deltares, vooral als Delft Kennisstad met als slogan Creating History.

Binnen de geschiedenis van Nederland is Delft vooral bekend doordat Willem van Oranje er vanaf 1572 heeft geresideerd en er in 1584 werd vermoord. De Oranjes worden sindsdien traditioneel in Delft bijgezet. De bijnaam van Delft is de Prinsenstad. De patroonheilige van de stad is Hippolytus van Rome.

 

Delft is ontstaan aan een gegraven waterloop, de ‘Delf’, en heet daar ook naar; delvenbetekent graven. Op de verhoogde plaats waar deze ‘Delf’ de kreekwal van het dichtgeslibde riviertje de Gantel kruiste, was, vermoedelijk sinds de 11e eeuw, een grafelijke vroonhof gevestigd. Delft was mede hierdoor een belangrijk marktcentrum, wat nog te zien is aan de omvang van het centrale marktplein.

Plattegrond van Delft na de stadsbrand van 1536

De stadsbrand van 1536 verwoestte een groot deel van de stad.

Graaf Willem II verleende Delft op 15 april 1246 stadsrecht. Handel en nijverheid kwamen er tot grote bloei. In 1389 werd de Delfshavensche Schie naar de Maas gegraven, aan welks monding de zeehaven Delfshaven werd gebouwd.

 

 

De Oostpoort is de enig overgebleven stadspoort van de stad Delft. De poort werd rond 1400 gebouwd. De torens werden in de 16e eeuw verhoogd.De Oostpoort bestaat uit een landpoort en een waterpoort die met elkaar zijn verbonden door resten van een stadsmuur. Tegenwoordig is het gebouw in gebruik als woning en kunstgalerij. De naastgelegen Oostpoortbrug dateert uit 1514 en is net als de poort zelf ook een rijksmonument.

Delft was tot de 17e eeuw een van de grote steden van het graafschap (later provincie) Holland. In 1400 had de stad bijvoorbeeld 6.500 inwoners en was zo de derde stad in grootte, na Dordrecht (8.000) en Haarlem (7.000). In 1560 was Amsterdam met 28.000 inwoners uitgegroeid tot de grootste stad, gevolgd door Delft, Leiden en Haarlem, die elk ongeveer 14.000 inwoners hadden.

In 1536 werd een groot deel van Delft in de as gelegd door de grote stadsbrand van Delft.

De moord op Willem van Oranje

Prins Willem van Oranje resideerde korte tijd in Delft, in het voormalige Sint-Agathaklooster, dat sindsdien Prinsenhof wordt genoemd. Hij werd er op 10 juli 1584 vermoord door Balthasar Gerards.

Op het gebied van de drukkunst nam de stad een vooraanstaande plaats in.

In de stad vestigden zich diverse Italiaanse plateelbakkers die een nieuwe stijl introduceerden. Ook de tapijtindustrie kwam met François Spierincx tot grote bloei. In de 17e eeuw beleefde Delft door de aanwezigheid van een Kamer van de VOC en door de fabricage van Delfts blauw een nieuwe bloeitijd.

In 1654 werd een groot deel van de stad verwoest door de Delftse donderslag – de ontploffing van een opslagplaats voor buskruit op de plaats waar zich sindsdien de Paardenmarkt bevindt. Op de ‘afstand van een kanonskogel’ werd een nieuw Kruithuis gebouwd, door architect Pieter Post.

Meerdere kunstschilders waren in de stad actief, zoals Leonard Bramer, Carel Fabritius, Pieter de Hoogh, Gerard Houckgeest, Emanuel de Witte, Jan Steen, en Johannes Vermeer. Reinier de Graaf en Antonie van Leeuwenhoek kregen internationale aandacht voor hun wetenschappelijk onderzoek.

Vanaf het Nederlandse rampjaar 1672 ging de Delftse economie achteruit. De stad werd overvleugeld door de beide buursteden Den Haag (als bestuurscentrum) en Rotterdam (als havenstad). In Delft bestonden rond 1670 een dertigtal fabrieken, die gedurende korter of langere tijd het plateelbakkersbedrijf hebben uitgeoefend. In 1794 waren er nog tien actief. In de 19e eeuw was er nog maar één plateelbakkerij over: De Porceleyne Fles; dit bedrijf kon als enige blijven bestaan omdat het naast aardewerk ook bakstenen ging produceren.

In 1850 telde de toenmalige gemeente Delft, met een oppervlakte van 5,3 km², 18.642 inwoners.

Met de slechting van de stadsmuren in de 19e eeuw en de komst van de trein in 1847werd Delft weer een aantrekkelijke plek voor nieuwe industrieën zoals de Gist- en Spiritusfabriek (later Gist-Brocades, nu onderdeel van DSM), Calvé en Delft Instruments. De oprichting van de Koninklijke Academie (tegenwoordig: Technische Universiteit Delft) in 1842 en het onderzoeksinstituut TNO in 1932, zorgden ervoor dat Delft ook een centrum van techniek en wetenschap werd.

Op 1 januari 1921 werden de aangrenzende gemeenten Vrijenban en Hof van Delft opgeheven en voor een groot deel aan Delft toegevoegd. Hierdoor werd het grondgebied van Delft aanzienlijk uitgebreid.

Het eerste deel na de Tweede Wereldoorlog waar in Delft is gebouwd is het gebied tussen het kanaal, de Schie door Delft en de grote weg van Den Haag naar Rotterdam.

In de jaren na 1960 werd Delft fors uitgebreid, vooral in zuidelijke richting. Daar verrezen achtereenvolgens de hoogbouwwijken Poptahof en Voorhof en de iets minder ambitieus opgezette Buitenhof. Vanaf de jaren 80 werd, nog zuidelijker, de wijk Tanthof ontwikkeld. Tanthof-Oost heeft een onoverzichtelijk stratenplan. Tanthof-West heeft nog wel dezelfde inrichting als Tanthof-Oost, maar er staan meer grote eengezinswoningen. Ter verbetering van het openbaar vervoer werd tramlijn 1 naar Tanthof verlengd.

Door de ontwikkeling van Voorhof en Tanthof schoof de woonfunctie van Delft meer van de historische binnenstad aan de ene zijde van de spoorlijn naar de andere zijde van deze spoorlijn. Het aldaar gevestigde winkelcentrum In de Hoven is daarin een belangrijke factor..

Het hoger onderwijs wordt meer en meer geconcentreerd rondom de TU-campus, zo zijn er vestigingen van Hogeschool InHolland en de Haagse Hogeschool naast de TU-campus gebouwd. Op 13 mei 2008 brandde de gehele hoogbouw van de faculteit Bouwkunde (opleiding) van de Technische Universiteit Delft binnen 12 uur af. Elders op de campus werd later onderdak gevonden voor deze faculteit.

Met de vaststelling van het bestemmingsplan Technopolis is in het zuidoosten van Delft in 2005 gestart met de ontwikkeling van het TU Delft Science Park, waar zich kennisinstituten, start-ups en internationale bedrijven vestigen.

In 2009 begon de bouw van Harnaschpolder nadat in 2004 een deel van de polder door de gemeente Midden-Delfland was overgedragen aan Delft. In Harnaschpolder zullen in totaal ongeveer 1300 woningen worden gerealiseerd.

Circa 2009 begon men met de bouw van de spoortunnel door Delft. Deze dient ter vervanging van het spoorviaduct dat net ten westen van de binnenstad liep. Het tweesporig viaduct werd beschouwd als een flessenhals voor het spoorverkeer, veroorzaakte lawaaioverlast en was een scheiding tussen de binnenstad en het woongebied ten westen ervan. De spoortunnel kreeg een ondergronds station en fietsenstalling. Bovengronds werd een kantoorgebouw met winkelfunctie gebouwd dat gedeeltelijk dienst doet als stadskantoor. De nieuwe spoortunnel met het ondergrondse station werden op 28 februari 2015 in gebruik genomen, waarna het spoorviaduct werd afgebroken. In 2017 werd het stadskantoor officieel in gebruik genomen. De totale investeringskosten voor het stadskantoor waren € 82,3 miljoen.

Mede door gebiedsontwikkelingsprojecten van de gemeente ontstonden in 2014 grote financiële tekorten in de gemeentebegroting. Delft vroeg financiële hulp van de provincie Zuid-Holland en het Rijk. De realisatie van het project heeft de gemeente Delft een verlies van tientallen miljoenen euro opgeleverd. In reactie op de grote verliezen heeft het gemeentebestuur bezuinigingen doorgevoerd en de lokale belastingen verder verhoogd. Delft was in 2016 onder de grotere gemeentes de gemeente met de hoogste woonlasten van Nederland. In 2016 kwam een eind aan de financiële problemen en kondigde de gemeente aan de lasten weer te verlagen.

Wapen van Delft

Het wapen van Delft werd op 24 juli 1816 door de Hoge Raad van Adel aan de Nederlandse gemeente Delft toegekend. Het wapen, of vergelijkbare wapens, wordt echter al veel langer gebruikt.

Het is bekend dat de paal in het midden van het wapen symbool staat voor de Oude Delft. Het oudste zegel, uit 1260, dat gebruikt werd in de periode van 1299 tot 1416 vertonen reeds een paal, echter met die verschillen dat zij aan weerszijden van de paal een burcht met drie torens vertonen. Het daaropvolgende zegel, uit de periode 1472 tot 1600, had een vergelijkbare voorstelling, maar de burchten waren vervangen door torens met daarop vaantjes met daarop een paal. Op een zegel uit 1444 tot 1758 staat het wapen echt als wapen afgebeeld. Er staat een gotische poort met daarin een leeuw. Onder de poort staat een wapen met paal afgebeeld. Wat er precies op dat wapen is afgebeeld wordt niet helemaal duidelijk. Waarschijnlijk gaat het om een zwarte paal op een zilveren veld, zoals te zien is in een paneel in een glas-in-loodraam in het stadhuis van Edam.Het wapen van Delft dat onder de poort hangt kan ook een ander wapen zijn dat gebaseerd is op kleine zegels dat de stad voerde stad. Het eerste zegel uit de periode van 1583 tot 1654 toont een wapen met de paal met een lint, opgehangen aan een tak. Dit wapen wordt aan beide zijden vastgehouden door een klimmende leeuw. Het tweede zegel uit de periode van 1658 tot 1719 toont een wapen zonder tak, maar wel vastgehouden door de twee leeuwen. Op het derde zegel, uit de periode van 1725 tot 1810, wordt het wapen gedekt door een vijfbladige kroon gehouden door de leeuwen.
Bron: Wikipedia – Delft

Voorouders van mij uit Delft:

  • Ricardis van Holland
    Overleden 1262. Dochter van Willem I van Holland  en Aleid van Gelre.
    Ricardis speelde een belangrijke rol bij de ontwikkeling van Delft als een stad. Zo had zij een belangrijke stem in het verlenen van stadsrechten aan de jonge nederzetting, in 1246. Ook stichtte zij in 1251 het klooster Koningsveld vlak buiten Delft. Ze wordt ook wel “de moeder van Delft” genoemd. Zij was gehuwd met Florens III Herbarensz van der Woert. Overleden in 1250.
  • IJsbrandt van der Made
    Geboren circa 1230 – overleden circa 1260. Ridder en een vooraanstaande figuur in het dertiende-eeuwsche Delft, stichter van de Oude Kerk te Delft. Hij huwt met Hadewich van Maerlant, dochter van Bartholomeus van Maerlant, een heer uit het adellijke geslacht Van Voorne. IJsbrandt woonde in de hofstede (vroonhof) Van de Made bij Delft.
  • Gerrit Gerritsz van der Meer van Tekelenburg.
    Geboren circa 1320 te Delft, begraven 1369 te Utrecht. Zoon van Gerrit van der Meer.
    Gehuwd voor 1361 met Wendelmoet, begraven 1361 te Utrecht.
  • Lambrecht van TOL (van der Meer).
    Geboren vóór 1361 te Delft. Zoon van Gerrit Gerritsz van der Meer en Wendelmoet.
    Gehuwd circa 1373 met:
  • Aleid Jansdr van Hodenpijl. Geboren ca. 1343 Overschie, overleden oktober 1408, begraven te  Delft. Dochter van Jan Arnoudsz van Hodenpijl en Alyt Dircksdr van der Made.
  • Vranck Lambrechts van der Meer.
    Schepen van Delft in 1434, 1436 en 1437, geboren circa 1374 te Haarlem, overleden na 1438, begraven te Delft.schepen van Delft in 1434, 1436 en 1437. Zoon Lambert Gerritsz van der Meer (alias van Tol) en Aleid Jansdr van Hodenpijl.
    Gehuwd 1395 te Delft met:
  • Catharina van Foreest. Dochter van Jan van Foreest en Ida Cuser.
  • Maria der Meer. geboren circa 1398 te Delft, begraven te Delft.
    Gehuwd met:
  • Gerrit Willems Storm
    Schepen (1452-1453) en thesaurier (1450) van Delft, overleden 1461-1464, zoon van Willem Storm Gerrits en Machteld Vrancken van der Does.
  • Robrecht Heijmans van der Mast
    Geboren rond 1520, overleden na 15 april 1579 Delft. Zoon van Heijman van der Mast.
    Pontgaarder te Delft. Een pontgaarder was een tussenpersoon in de graanhandel. Je zou hem een makelaar in graan kunnen noemen.
    Hij koopt huis “Castilië” te Delft op 12 augustus 1577. Verkoopt het huis op 15 april 1579.
    Hij was gehuwd met Neeltje Gielisdr van Herlaer van Moerkercken. Dochter van Gillis Floris van Herlaer.
  • Marie Robrechts van der Mast
    Geboren in 1548 te Delft, overleden op 3 mei 1618 te Delft. Dochter van Robrecht Heijmans van der Mast en Neeltje Gielisdr van Herlaer van Moerkercken. Zij is getrouwd met:
  • Adriaan Quirijnsz van Strijen
    Geboren op 10 december 1547 te Leiden, overleden op 10 december 1604 te Delft. Zoon van Quirijn Claessz Van Strijen en Geertuijt Jan Hendricxdr.
  • Claas Adriaansz van Strijen
    Geboren in het jaar 1574 in Delft, overleden maart 1650 in Westmaas. Zoon van Adriaan Quirijnsz van Strijen en Marie Robrechts van der Mast. Schout van Westmaas, Dijkgraaf van Westmaas en het Munnikenland.
    Hij is getrouwd op 29 juni 1597 te Westmaas met Elisabeth (Lijsbeth) Jacobsdr Goudswaard.
  • Michael Hendrixe Bramius
    Geboren circa 1590 te Delft, overleden op 2 december 1632 in Rhoon. Zoon van Hendrick Braemer en Christijntje Jans.
    Michael was aanvankelijk schoolmeester in Delft. Op 7 oktober 1619 werd hij predikant te Rhoon hetgeen hij bleef tot zijn overlijden in 1632.
    Hij was 1e getrouwd met Maertje Jacobs. Hij was 2e getrouwd op 29 april 1692 te Portugaal met  Lijsbeth Rhijf.

 

Terug naar:

Dorpen en Steden

  facebook        

© 4 februari 2018