Marenteel Maria van Arkel

 

De oudst bekende voormoeder in deze Marenteel van mijn voormoeder Maria van Arkel (± 1385 – 1415) is Udelhild von Odenkirchen (± 1090 – ….).

 

1. Udelhild von Odenkirchen
Geboren rond 1090. Van haar ouders zijn geen gegevens bekend.
Gehuwd met Ludwig II, graaf van Arnstein. Geboren rond 1090. Zoon van  Ludwig I, graaf van Arnstein en Jutta van Zutphen.
Dochter:

  • Agnes van Arnstein

 

2. Agnes van Arnstein
Geboren circa 1117, overleden in 1179. Dochter van Ludwig, graaf van Arnstein en van Udelhild von Odenkirchen.
Zij was gehuwd met Hendrik I van Gelre. Geboren tussen 1117 en 1120, overleden tussen 27 mei en 10 september 1182. Hij was graaf van Gelre. Zoon van Gerard II van Gelre (Zie Graven van Gelre nr. 5) en  Ermgard van Zutphen (Zie Graven van Zutphen nr. 5), de erfdochter van het graafschap Zutphen.
Hendrik volgde in 1131/1133 zijn vader op als graaf Geldern en Wassenberg, in 1138 erfde hij het graafschap Zutphen van zijn moeder.
Kinderen:

  • Agnes van Gelre
  • Margarethe van Gelre
  • Gerard 3 van Gelre
  • Adelheid van Gelre
  • Otto I Graaf van Gelre en Zutphen  ± 1145-1207

 

3. Agnes van Gelre
Geboren in 1135, overleden in 1186. Dochter van Hendrik I van Gelre (Zie graven van Gelre nr. 6) en Agnes van Arnstein.
Zij was gehuwd met Hendrik de Blinde van Namen/Luxemburg (Zie Graven van Luxemburg nr. 6b). Geboren omstreeks 1115, overleden in 1196. Zoon van Godfried, graaf van Namen en van Ermesinde van Luxemburg.
Dochter:

  • Ermesinde van Luxemburg

 

4. Ermesinde van Luxemburg
Geboren rond 1170, overleden in 1247. Dochter van Hendrik de Blinde van Namen/Luxemburg en van Agnes van Gelre.
Zij was gehuwd met Theobald I van Bar. Geboren circa 1158, overleden 13 februari 1214. Hij was de graaf van Bar van 1190 tot aan zijn dood. Hij was de zoon van Reinoud II van Bar en zijn vrouw Agnès van Champagne. Hij volgde zijn broer Henry op nadat deze  werd gedood bij het beleg van Akko.
Dochter:

  • Elisabeth van Bar

 

5. Elisabeth van Bar
Overleden in 1262. Dochter van Theobald I van Bar en Ermesinde van Luxemburg.
Zij was gehuwd met Walram III van Monschau. Geboren rond 1200. Zoon van Walram, hertog van Limburg en Kunigonde van Monschau.
Dochter:

  • Elisabeth van Valkenburg

 

6. Elisabeth van Valkenburg
Geboren rond 1250. Dochter van  Diederik, Heer van Valkenburg (Zie Heren van Valkenburg nr. 6) en Bertha van Limburg, erfdochter van Monschau.
Zij trouwde met Engelbert I Graaf van de Mark. Geboren in 1249, overleden 1277 te Bredevoort. Zoon van Adolf I,  Graaf van Altena en van de Mark en van Luitgard Irmengard van Gelre.
Dochter:

  • Mathilde van de Mark.

 

7. Mathilde van der Mark
Geboren rond 1270, overleden in 1316. Dochter van Engelbert I Graaf van de Mark en Elisabeth van Valkenburg.
Zij was gehuwd met  Floris Berthout , heer van Mechelen. Geboren in 1260, overleden in het jaar 1331.
Zoon van Walter VI van Berthout, Heer van Mechelen en van Maria van Auvergne.
Kinderen:

  • Walter VII Berthout, Heer van Mechelen  ± 1248-1288
  • Floris Berthout, Heer van Mechelen en Berlaer  ± 1260-1331
  • Sophia Berthout  … – 1329
  • Mathilde Berthout van Mechelen  ± 1256 – 1306
  • Willem Berthout Bisschop van Utrecht  ± 1263 – 1301

 

8. Sophia Berthout 
Overleden op 6 mei 1329. Dochter van Floris Berthout , heer van Mechelen, en Mathilde van der Mark.
Zij was gehuwd met Reinoud II van Gelre. Geboren circa 1295 – overleden te Arnhem op 12 oktober 1343, bijgenaamd de Rode of de Zwarte, was graaf van Gelre van 1326 tot 1339 en hertog van Gelre van 1339 tot 1343. Hij was de zoon van graaf Reinoud I van Gelre (Zie Graven van Gelre nr. 10) en Margaretha van Dampierre (1272-1331), gravin van Vlaanderen.

In 1316 kreeg hij onenigheid met zijn vader. Hij vond zijn vader niet langer in staat de belangen van het territorium te behartigen en nam zelf het bestuur over. Na een arbitrale uitspraak van 3 september 1318 door graaf Willem III van Holland regeerde hij als soen des graven van Gelre over het graafschap Gelre en Zutphen. Zijn vader werd gevangengezet op kasteel Montfort.

Reinald verleende land- en dijkrechten, en maakte bepalingen en regelingen ter verbetering van het keren van buitenwater en het lozen van binnenwater en grondwater. Deze wetgeving bestond deels uit de optekening van publiekrechtelijk en privaatrechtelijk gewoonterecht, en deels uit nieuw recht ten aanzien van het schouwen van dijken, weteringen en kaden, en de rechterlijke organisatie. Voor het Land van Maas en Waal in 1321 en 1328, voor de Bommmeler- en de Tielerwaard in 1325, 1327 en 1335, voor de Over- en Nederbetuwe in 1327, voor het Overkwartier in 1328, voor het nieuw ontgonnen ‘Nijbroek’ eveneens in 1328. Deze wetgeving is van belang geweest voor de bevordering van de rechtszekerheid en de bodemexploitatie binnen het Gelderse territorium.

In 1326 overleed zijn vader en Reinoud benoemde zichzelf tot graaf van Gelre en graaf van Zutphen als Reinoud II.

Hij begon een samenwerkingsverband met de Engelse koning en zwager Edward III van Engeland tegen Frankrijk. Hij waarschuwde de Engelsen in 1338 over een Franse vloot die het Zwin naderde. Hij bleef één van Edwards trouwste bondgenoten onder de Duitse prinsen tijdens de eerste fase van de Honderdjarige Oorlog.

Op 11 januari 1311 werden te Roermond huwelijksvoorwaarden opgesteld van het huwelijk van Reinout met Sophia Berthout († 6 mei 1329) uit het geslacht Berthout, erfgename van de heerlijkheid Mechelen, dochter van Floris Berthout († 1332), heer van Mechelen, en Mathilde (van der Mark) van Mechelen, kleindochter van Engelbert I van der Mark. Het huwelijk werd in 1318 voltrokken. Sophia was een nicht van de Utrechtse bisschop Willem II (1296-1301). Het huwelijk kwam vermoedelijk tot stand door bemiddeling van Gwijde van Avesnes bisschop van Utrecht (1301-1317) en graaf Willem III van Holland(1304-1337). Sophia en Reinald waren in de vierde graad verwant waardoor voor hun huwelijk pauselijke dispensatie nodig was, wat op 13 mei 1311 te Avignon verleend werd door Paus Clemens V. Zij werd begraven in het Klooster Gravendaal.

Sophia schonk hem de volgende kinderen:

  • Margaretha (ca. 1320?-1344), in 1342 gehuwd met Gerard, zoon van graaf Willem VI van Gulik. Zij was reeds op 1 maart 1333 verloofd met Gerard, naar aanleiding waarvan zij op 1 december 1333 de heerlijkheid en voogdij Mechelen voor 60.000 gulden verkocht aan graaf Lodewijck van Vlaanderen.
  • Mechteld (ca. 1325-1384) in 1336 gehuwd met graaf Godfried van Loon en Chiny (?-1342), in 1348 met graaf Jan I van Kleef (1292/93-1368) en in 1372 met Jan van Chatillon graaf van Blois (†1381)
  • Elisabeth (-1376), abdis van het klooster Gravendal tussen Kessel en Asperden in Duitsland
  • Maria van Gelre

Nadat in 1331 uitgebreide huwelijkse voorwaarden waren opgesteld huwde Reinoud op 20 oktober 1331 in Nijmegen met Eleonora (1318-1355), dochter van Eduard II van Engeland. Van de huwelijksvoltrekking werd op 24 oktober 1331 een notariële verklaring opgemaakt is. Ze hadden samen:

  • Reinoud III (1333-1371), 1e opvolger Gelre
  • Eduard (1336-1371), 2e opvolger Gelre

Reinoud voerde vier jaar lang een strijd om Bredevoort (1322-1326) die hij uiteindelijk won. In 1326 verleende Reinoud II stadsrechten aan Erkelens en in 1343 aan Venlo.

 

9. Maria van Gelre
Overleden november 1397. Dochter van Reinoud II van Gelre en Sophia Berthout, vrouwe van Mechelen.
Zij was een van de twee troonpretendenten voor het hertogdom Gelre en het graafschap Zutphen tijdens de Eerste Gelderse Successieoorlog tussen 1371 en 1379. Ze streed echter voor deze titel namens haar zoon Willem III van Gulik. De oorlog begon na de dood van haar halfbroers Reinoud III van Gelre en Eduard van Gelre. Edward overleed aan zijn verwondingen na de Slag bij Baesweiler en Reinoud, die ook wel de bijnaam de Vette had, overleed enkele maanden daarna. Deze opvolgingskwestie werd ook geclaimd door Maria’s zusterMechteld van Gelre en zij werd gesteund door de van ‘Heeckerens’ onder Frederik van Heeckeren van der Eze (1320-1386). De volgers van Maria waren de van ‘Bronckhorsten’ onder Gijsbert V van Bronckhorst (1328-1356). Na de overwinning van haar partij ging de titel van Hertog naar haar zoon Willem III.

In december 1362 huwde ze met Willem II/VII van Gulik (1327-1393) Zoon van Willem I/VI van Gulik (Zie Hertogen van Gulik nr. 12) en Johanna van Holland-Henegouwen (Zie Graven van Holland I nr. 15). Ze kregen drie kinderen:

  • Willem van Gulik (1364-1402)
  • Reinoud van Gulik(1365-1423)
  • Johanna van Gulik

 

Wapen van Gulik

10. Johanna van Gulik
Overleden in 1394. Zij was de jongste dochter van hertog Willem II van Gulik (Zie Hertogen van Gulik nr. 13) en Maria van Gelre (Zie Hertogen van Gelre nr. 12).
In 1376 huwde zij met Jan V van Arkel (1362-1428) en werd de moeder van:

  • Willem van Arkel († Gorinchem 1417), kreeg burcht en land van Born met de steden Sittard en Susteren in leen.
  • Maria van Arkel 

Doordat haar broers en haar ooms en tantes langs moederzijde overleden waren, werd zij de erfgename van Gelre.
Haar kleinzoon Arnold van Egmont volgde haar broer Reinoud op als hertog van Gelre.

 

 

Wapen Van Arkel

11. Maria van Arkel
Geboren circa 1385 te Gorinchem, overleden op 19 juli 1415 te IJsselstein.
Zij was Vrouwe van Egmont en IJsselstein, door haar huwelijk met Jan II van Egmont.
Ze was een dochter van Jan V van Arkel (Zie Heren van Arkel nr. 21) en Johanna van Gulik (Zie Hertogen van Gulik nr. 14), via wie ze afstamde van het huis Gulik. Haar ooms Willem III van Gulik en Reinoud van Gulik waren hertogen van Gelre. Doordat beide hertogen geen wettelijke erfgenamen hadden, kwam het huis van Arkel vanwege deze familiebanden in aanmerking voor de erfopvolging.

Maria die in circa 1385 werd geboren, werd na de dood van haar moeder in 1394 opgevoed aan het hof van Gelre. Na het huwelijk van haar oom Reinoud IV van Gelre in 1405 werd ze hofdame van zijn vrouw Maria van Harcourt. Haar vader Jan van Arkel, die in 1402 de Arkelse Oorlogen was begonnen, vluchtte in 1406 naar Gelre, het volgend jaar gevolgd door haar broer Willem van Arkel. Ondanks dat haar broer Willem nog geen goede partij was getrouwd, werd er voor Maria in 1407 plannen gemaakt. Jan van Egmont (bijgenaamd: “met de bellen”) een Hollandse edelman lijkt een gegadigde en slaat zijn slag op een feest op het kasteel van Caster in het hertogdom Gulik op 13 september 1407. Hij schaakt en ontvoerd haar (iets wat bij middeleeuwse hofmakerij hoorde) en op 15 september worden de twee bij Lobith terug gevonden. Aan het hof van Gelre word met Reinoud IV besloten tot een huwelijk en Reinoud geeft ze een huwelijks schat van 6000 schilden. Op 24 juni 1409 trouwen de twee en nemen hun intrek op het kasteel van IJsselstein. Jan II van Egmond was een zoon van Arend van Egmont (Zie Heren van Egmont nr. 17a) en Jolanda van Leiningen (Zie Graven van Leiningen II nr. 7a).
Ze kregen twee zoons:

  • Arnold (-1473), was van 1423 tot 1465 en van 1471 tot zijn dood in 1473 hertog van Gelre en graaf van Zutphen.
  • Willem (1412-1483), stadhouder van Gelre (Volgt Heren van Egmont nr. 19)

Maria van Arkel overleed op 19 juli 1415 en zou niet meer mee maken dat haar zoon Arnold in 1423 Hertog van Gelre werd. Haar kleindochter Maria van Gelre (1434-1463) zou het zelfs tot koningin van Schotland schoppen, door haar huwelijk met Jacobus II van Schotland.

Terug naar:

http://johnooms.nl/marentelen/

 

 

  facebook        

© 16 december 2018