Linschoten

 

Linschoten in 1866, door J. Kuyper. 1125 inwoners

Linschoten is een dorp dat thans onderdeel is van de gemeente Montfoort in de Nederlandse provincie Utrecht. Linschoten is gelegen aan de N204 tussen Woerden en Montfoort. In het dorp gaat het riviertje de Lange Linschoten over in de Korte Linschoten.
Linschoten wordt voor het eerst genoemd in 1172 als Lindescote, een samenvoegsel van Linde (de naam van een riviertje) en scote (een stuk land dat uitkomt boven het laagland). Hoewel er in 1270 pas voor het eerst een vermelding is van een versterkt Huis te Linschoten, was dit er waarschijnlijk ook al in 1172.

Kasteel Linschoten is een voormalig kasteel bij Linschoten, gemeente Montfoort in de Nederlandse provincie Utrecht, niet te verwarren met het nog bestaande Huis te Linschoten.De naam Linschoten komt waarschijnlijk van de boomnaam linde en Oergermaans*skauta, bebost landstuk dat puntig uitloopt in moerassig terrein.

In 1131 wordt met Bertholt de Lindescot voor het eerst een lid van het geslacht Van Linschoten genoemd, in 1172 worden Gerardus de Lindescote en zijn broers Jacobus en Heinricus vermeld. Ridder Cristancius is de eerste Van Linschoten waarvan is overgeleverd dat hij voor 1270 het kasteel in bezit had. Het werd door hem in leen gehouden van Gijsbert van Zuylen. Buiten de 100m ten zuiden van de kasteelplaats gelegen kerk en onder de zuidgevel van de kerk werden in de jaren zeventig van de vorige eeuw drie tufstenen grafkisten aangetroffen die waarschijnlijk uit de 12e eeuw dateren, mogelijk de graven van deze vroege Van Linschotens.

Onderzoek in 1970 en 1993 leverde sterke aanwijzingen op voor de aanwezigheid van een rondlopende buitenmuur.
Booronderzoek leverde in het noordelijk deel van de door de buitenmuur gevormde cirkel resten op van wat vrijwel zeker een tegen de buitenmuur gesitueerd gebouw is geweest. De in het oosten aangetroffen, aan de buitenmuur parallel lopende binnenmuur, maakte waarschijnlijk onderdeel uit van een onder de huidige bebouwing gesitueerd gebouw.

Het Landgoed Linschoten bij de gelijknamige plaats in de provincie Utrecht is met rond 450 hectare het grootste landgoed in de randstad. Het omvat een landhuis met park, waterlopen, monumentale boerderijen, graslanden en bossen.
In de middeleeuwen gaf de bisschop van Utrecht opdracht tot ontginning van de gronden rond Linschoten. Daarna was het land in handen van verschillende adellijke families.
Een eerder Kasteel Linschoten stond elders in het huidige dorp Linschoten, en was waarschijnlijk eind 16e eeuw al verdwenen. Het is dus niet de directe voorganger van het huidige huis.

Wapen Strick van Linschoten

In 1628 werd het land gekocht door Johan Strick, de latere burgemeester van Utrecht, die het huidige landhuis liet bouwen. Hierna bleef het ruim 200 jaar in dezelfde familie Strick van Linschoten.

Strick van Linschoten is een uit Erp afkomstig geslacht dat vanaf 1628 door aankoop bezitter werd van de heerlijkheid Linschoten en daarna de familienaam Strick van Linschoten ging voeren; leden van het geslacht behoren sinds 1814 tot de Nederlandse adel.
Vanaf 1772  waren telgen van Strick van Linschoten ook eigenaar van Kasteel Loenersloot.
Het Huis Linschoten is in de loop der eeuwen meermaals verbouwd en gerestaureerd. Het is in bezit geweest van meerdere families.

Het dorp Linschoten vormde het middelpunt van een heerlijkheid die door het Kapittel van Oudmunster in Utrecht in pacht werd uitgegeven, totdat het kapittel de heerlijkheid in 1633 aan Johan Strick verkocht. Het grondgebied van deze heerlijkheid besloeg het dorp Linschoten, de polder Rapijnen, de Hoge en de Lage Polder van Linschoten, de polders IJsselveld en Mastwijk.

 

In de Franse tijd (1 januari 1812) ontstond de gemeente Linschoten uit samenvoeging van tien voormalige heerlijkheden, waarvan de belangrijke in het bezit van de familie Strick van Linschoten waren:

  • Linschoten en Mastwijk
  • Cattenbroek en de Uiterdijken van Mastwijk
  • Schagen en den Engh
  • Polanen
  • Wulverhorst
  • Kromwijk en Linschoter Haar
  • Vlooswijk en Vlooswijk in Kromwijk
  • Heeswijk
  • Achthoven
  • Snelrewaard
  • Lange Linschoten

Van 19 september 1814 tot 1 april 1817 bestond de bijzonder situatie dat de gemeente in twee provincies lag. Het grootste deel lag in Utrecht, maar Snelrewaard met Lange Linschoten in Zuid-Holland. Op 1 januari 1817 werd Snelrewaard (met Lange Linschoten) weer afgescheiden en op 1 januari 1818 werden Wulverhorst (met Linschoter Haar en Vlooswijk-Kromwijk) en Achthoven (met Heeswijk) weer zelfstandig. Op 8 september 1857 werden Achthoven, Linschoten en Wulverhorst echter weer samengevoegd tot één gemeente. Op 1 januari 1989 werden Linschoten, Willeskop en Montfoort samengevoegd tot de gemeente Montfoort.

Het wapen van Linschoten werd op 11 september 1816 bevestigd door de Hoge Raad van Adel aan de Utrechtse gemeente Linschoten. Per 1989 ging Linschoten op in de gemeente Montfoort. Het wapen van Linschoten is daardoor definitief komen te vervallen als gemeentewapen.

De blazoenering van het wapen luidde als volgt:
“Zijnde van keel beladen met eene bande van zilver.
De heraldische kleuren zijn keel (rood) en zilver (wit).
Het wapen is een voortzetting van het wapen van de heerlijkheid Linschoten. Deze is weer afkomstig van het geslacht Van Linschoten die sinds de Middeleeuwen het gebied in hun bezit hadden. Gijsbertus Ruscus (1309-1348) voerde het familiewapen als eerste. Ook komt het wapen terug in het wapen van het geslacht Strick van Linschoten dat vanaf 1628 de heerlijkheid Linschoten in hun bezit had.

Bronnen:
Wikipedia – Linschoten (dorp)
Wikipedia – Landgoed Linschoten
Wikipedia – Kasteel Linschoten

Een voorvader van mij:
Cornelis Leendertsz Spruijt
Geboren circa 1575, overleden na 1642. Zoon van Leendert Cornelis Spruijt. Bouwman in de polder Cattenbroek onder geregt Linschoten. Hij was gehuwd met Beatrix Hendricksdr. Overleden voor 1642.

Terug naar:

Dorpen en Steden

  facebook        

© 26 februari 2018