Meerkerk

Meerkerk is een dorp en voormalige gemeente in de gemeente Zederik, in de Nederlandse provincie Zuid-Holland. Met 3.740 inwoners is Meerkerk de grootste plaats van de gemeente Zederik. Het moderne gemeentehuis dat in 1991 gebouwd is staat in Meerkerk en herbergt het bestuurlijke centrum. Meerkerk ligt in het uiterste oosten van de Alblasserwaard. Meerkerk werd op 1 januari 1986 in gemeente Zederik gevoegd. Sommige delen van de oude gemeente Meerkerk zijn nu onderdeel van andere gemeentes.

De naam komt als eerst voor in een oorkonde van het Kapittel van Sint Marie te Utrecht, in 1266 en 1267. Het dorp is rond 1000 gesticht als nederzetting. Waarschijnlijk is het vernoemd naar een stuk land genaamd het Meer, dat vlak bij een kerk lag. De kerk in Meerkerk werd gebouwd rond 1400. In 1828 is deze afgebrand en weer opnieuw opgebouwd. Rond 1418 heersten de Heeren van Brederode over het gebied. Zij bestuurden het land als een soevereine heerlijkheid. Tussen de Brederodes en de Van Arkels werd soms strijd geleverd, waarbij ook Meerkerk betrokken was.

In 1886 wordt het Merwedekanaal gegraven langs Meerkerk. Dit kanaal was een onderdeel van een de zogenaamde Amsterdam-Gorinchem route. Dit kanaal wordt nog steeds druk bevaren. De oude draaibruggen die Meerkerk rijk was zijn vervangen door moderne ophaalbruggen. Eén van de laatste scheepjesbruggen van Nederland was ook nog in Meerkerk te vinden. Deze brug is nu een museumstuk in Rotterdam. In Meerkerk staat een Hervormde Kerk, met gotische koor uit de 15e eeuw. Monumentaal is de hofstede (1640) aan de Zouwendijk

De Zouwendijk is gelegen aan een moerasachtig gebied, genaamd de Zouwes. Hierdoorheen loopt een klein riviertje de Zederik. De gemeente is hier naar vernoemd. In Meerkerk ligt nog een kleine sluis, de Zederiksluis.

Meerkerk was ook een onderdeel van een grote weg die door het dorp liep. Deze weg maakte deel uit van de route Parijs-Amsterdam en werd aangelegd door Napoleon. Het verhaal gaat dat Napoleon op één van zijn reizen in Meerkerk heeft overnacht.

 

Wapen van Meerkerk

Het wapen van Meerkerk werd op 24 juli 1816 bij besluit van de Hoge Raad van Adel aan de gemeente Meerkerk in gebruik bevestigd. Op 1 januari 1986 fuseerde de gemeente samen met Ameide, Hei- en Boeicop, Leerbroek, Lexmond, Tienhoven en Nieuwland tot de nieuw opgerichte gemeente Zederik. Het wapen van Meerkerk is daardoor komen te vervallen. In het wapen van Zederik zijn geen elementen uit het wapen van Meerkerk overgenomen.

De blazoenering van het wapen luidde als volgt:
“Van goud, beladen met drie fasces van sabel.”

De heraldische kleuren in het wapen zijn: goud (geel) en sabel (zwart). Het schild is gedekt met een oude Franse markiezenkroon met drie bladen en tweemaal drie parels.

De herkomst van het wapen is onbekend, het werd in de achttiende eeuw gebruikt op zegels van de toenmalige heerlijkheid.
Men vermoed dat de horizontale balken een verwijzing is voor de verkoolde kerkbalken die zijn overgebleven na een brand.

Bron: Wikipedia – Meerkerk

Voorouder te Meerkerk:

  • Ernst Ariens van Oostrum 
    Geboren 1670 te Meerkerkerbroek, gedoopt op 20 januart 1670 te Meerkerk. Overleden 1751 te Lopik. Zoon van Arie Ernsts van Oostrum en Grietje Claasdr Blom. Hij trouwde op 2 maart 1690 te Lopik met Marrigje Jans Doncker.

Terug naar:

Dorpen en Steden

  facebook        

© 6 maart 2018