Hertogen van Aquitanïe

In het verleden was Aquitanië achtereenvolgens een Romeinse provincie, een koninkrijk en een hertogdom. De naam, die waterrijk gebied zou betekenen en afgeleid is van het Latijnse aqua (water), veranderde gedurende de Honderdjarige Oorlog in Guyenne. Onder de naam Guyenne-Gascogne was het een Franse provincie tot aan de Franse Revolutie. Ook een groot deel van de hedendaagse regio Midi-Pyrénées hoorde bij die provincie.

In 768 voegt Pepijn de Korte het gebied bij het Karolingisch Rijk. Karel de Grote maakte van Aquitanië een koninkrijk voor zijn zoon Lodewijk de Vrome (781). Na het verdrag van Verdun (843) werd het gebied onderdeel van het Westfrankisch rijk van Karel II de Kale.

Karel de Kale moest toestaan dat zijn grote vazallen hun leen en titel erfelijk maakten. De graven van Poitiers droegen de titel hertog van Aquitanië van 878 tot 890. Daarna ging de titel over op de graven van Auvergnes (890-897), de graven van Toulouse (897-950) en opnieuw de graven van Poitiers (950-1137). In 1063 werd Gascogne, Frans Navarra uitgezonderd, bij Aquitanië gevoegd. 

 

1. Gerard van Auvergne (ca. 795 – Fontenoy, 25 juni 841) was een hoge Frankische edelman. Gerard was een lid van de keizerlijke entourage van keizer Lodewijk de Vrome en verbleef aan het hof. Hij was getrouwd met Rotrude, dochter van keizer Lodewijk de Vrome en Ermengarde van Haspengouw. Na Rotrudes overlijden hertrouwde hij met haar zuster Hildegarde.

Gerard was graaf van Aquitanië en werd in 839 door keizer Lodewijk de Vrome benoemd tot graaf van Auvergne en Poitiers. Hij sneuvelde op 25 juni 841 in de Slag bij Fontenoy (841). Na zijn dood werd Hildegarde abdis van de Abdij van Onze Lieve Vrouwe en van Sint-Jan te Laon.

Voorouders van Gerard van Auvergne:
– Gerard was zoon van Adelmus en Alba.- Adelmus was zoon van Theoderik II van Autun (ca. 725 – 793) en Oda (ca. 735 – na 793, dochter van Karel Martel en Swanahilde). Theoderik was een belangrijke hoveling van Lodewijk de Vrome aan diens hof in Aquitanië.
– Theoderik II was zoon van Theoderik I.
– Theoderik I was zoon van Bernard en Chrodelinde.
– Chrodelinde was dochter van Hugobert en Irmina van Oeren.
Gerard en Rotrude hadden drie kinderen:

  • Ranulf I van Aquitanië (Volgt 2)
  • Gerard, graaf van de Limousin, overleden voor 879.
  • dochter, getrouwd met Fulco van Limoges

Gerard en Hildegarde (zuster van Rotrude) hadden geen kinderen.

Aquitanië

Aquitanië

2.Ranulf I van Aquitanië (geboren ca. 820 – Brissarthe, 19 oktober 866) was hertog van Aquitanië. Deze functie zou na zijn dood nog tot in de 12e eeuw door nakomelingen van hem worden bekleed.

Ranulf wordt in 839 genoemd als graaf van Poitiers. Hij zal die functie onder zijn vader Gerard van Auvergne hebben uitgevoerd, die toen ook graaf van Poitiers was. Pas na de dood van zijn vader (841) en van bisschop Ebroin van Poitiers (854), zou Ranulf zelf het volledige bestuur over het graafschap uitoefenen.

In 841 werd Ranulf lekenabt van Saint-Hilaire te Poitiers. In 852 werd hij benoemd tot hertog van Aquitanië maar werd in datzelfde jaar verslagen door de Noormannen. In 864 wist Ranulf wel een Vikingtroep te verslaan. Daarbij nam hij Pepijn II van Aquitanië gevangen, die zich bij hen had aangesloten en leverde hem uit aan Karel de Kale. 19 oktober 866 overleed Ranulf te Brissarthe aan verwondingen van pijlen die hij drie dagen eerder had opgelopen in een veldslag tegen Noormannen. Het is opmerkelijk dan Robert IV de Sterke iets meer dan een maand eerder ook in Brissarthe tegen de Vikingen was gesneuveld, vermoedelijk ging het hier om dezelfde tegenstanders.

Ranulf was de zoon Gerard van Auvergne en van Rotrude, dochter van keizer Lodewijk de Vrome enErmengarde van Haspengouw. In zijn eerste huwelijk was Ranulf getrouwd met Aiga, die al twee keer getrouwd was geweest met een graaf Immo en met Rudolf van Turenne. In zijn tweede huwelijk trouwde Ranulf met Bilchildis van Maine (geb. ca. 830), die in haar eerste huwelijk met Bernard van Poitiers getrouwd was geweest.

Ranulf was vader van:

  • Ranulf II van Poitiers (Volgt 3)
  • Gauzbert van Poitiers, eind 892 gesneuveld tegen Odo I van Frankrijk
  • Ebalus, 881 abt van St Germain, 886 abt van St Denis, 888 kanselier van Odo I van Frankrijk, 889 abt van Saint-Hilaire te Poitiers, verloor zijn functies in 892 toen de koning in conflict kwam met zijn familie en Ebalus de kant van zijn familie koos, gesneuveld op 2 oktober 892.

 

3. Ranulf II van Poitiers (geboren ca. 850 – overleden 5 augustus 890) was een praktisch onafhankelijke hertog van Aquitanië.

Ranulf werd in 866 graaf van Poitou als opvolger van zijn vader Ranulf I van Aquitanië. In 868 werd hij door de opstandige Bernhard van Septimanië uit de Poitou verjaagd en vluchtte hij met zijn broers naar Lodewijk de Stamelaar die toen koning van Aquitanië was. Pas in 878 wist hij de Poitou weer terug te krijgen. Ranulf gaf op zijn beurt Lodewijks zoon Karel de Eenvoudige een veilig onderdak en zorgde voor zijn opvoeding. In 882 leverde hij strijd tegen de Vikingen bij Brillac en werd verslagen.

Ranulf werd in 887 benoemd tot hertog van Aquitanië. Hij steunde Guido van Spoleto in zijn poging om koning van West-Francië te worden. Toen Odo I van Frankrijk koning was geworden weigerde Ranulf om hem te erkennen, en riep zichzelf uit tot koning van Aquitanië. Hij creëerde een stelsel van burggraafschappen om zijn gebied te kunnen verdedigen. In 889 probeerde Odo om Ranulf door een veldtocht te onderwerpen maar Ranulf wist deze aanval af slaan. Ranulf stierf op 5 augustus 890 volgens sommige bronnen in gevecht met de Vikingen, volgens andere bronnen omdat hij vergiftigd was in opdracht van Odo.

Ranulf was zoon van Ranulf I van Aquitanië en Bilchildis van Maine. Hij was gehuwd met Ermengarde maar zijn zoon Ebalus Manzer (Volgt 6) was geboren uit een buitenechtelijke relatie met een onbekende vrouw. Ebalus´ bijnaam Manzer heeft aanleiding gegeven tot speculatie onder genealogen. Manzer is een bijnaan die in Zuid–Frankrijk nog een enkele keer voorkomt, en steeds bij een bastaard. Het woord heeft echter geen betekenis in een lokale taal van die tijd, maar wel in het Hebreeuws waar het bastaard zou betekenen. Hieraan wordt soms de speculatieve conclusies verbonden dat Ebalus moeder van Joodse afkomst zou zijn.

 

4. Ebalus van Aquitanië (geboren ca. 873 – overleden ca. 935), bijg. Manzer, was hertog vanAquitanië.

Ebalus werd in 890 graaf van Poitiers en hertog van Aquitanië als opvolger van zijn vader Ranulf II van Poitiers, maar raakte in 892 zijn bezittingen kwijt aan Aymar van Angoulême die hem verdreef met hulp van Odo I van Frankrijk. Hij vond in 893 zijn toevlucht bij Geraldus van Aurillac en verbond zich daarna met Willem de Vrome van Auvergne, die in die periode de feitelijke heerschappij over Aquitanië verwierf. In 902 veroverde Ebalus de Poitou met een leger van Willem, en werd als graaf erkend door Karel de Eenvoudige met wie hij als kind was opgegroeid. Hij reorganiseerde het bestuur en gaf functies als lekenabt en burggraaf aan vertrouwde vazallen. In 904 veroverde hij ook de Limousin en in 911 was Ebalus een van de aanvoerders bij de overwinning op de Vikingen bij Chartres. Toen in 927 de zoons van Willem de Vrome kinderloos overleden benoemde de laatste Ebalus tot erfgenaam. Na diens overlijden werd hij hertog van Aquitanië, graaf van Berry, de Auvergne en Velay, en lekenabt van Saint-Hilaire.

Koning Rudolf I van Frankrijk ontnam Ebalus in 929 de heerschappij over Berry. In 932 gaf Rudolf bovendien de titels van Aquitanië en Auvergne aan de graaf van Toulouse, en maakte van de Marche(tussen de Limousin en Poitou) een onafhankelijk graafschap. Ebalus deed in 934 een schenking aan de abdij van Saint Cyprien.

Ebalus was een onechte zoon van Ranulf II van Poitiers. Ebalus was in 891 (in oktober 890 waren ze verloofd) gehuwd met Aremburgis en voor februari 911 met Emiliana (-ca. 934). Ebalus en vermoedelijk Emiliana waren ouders van:

  • Willem III (900-963), hertog van Aquitanië (Volgt 7)
  • Ebalus, bisschop van Limoges (- Saint-Michel-en-l’Herm, 26 februari 977). Abt van Saint Maxent en Saint Hilaire, 944 bisschop van Limoges, trad in 963 terug en werd abt van Saint-Michel-en-l’Herm. Hij werd gevangengenomen en zijn ogen werden uitgestoken door graaf Eli I van Périgord.

5. Willem III van Aquitanië (geboren ca. 910 – overleden Saint-Maixent-l’École, 3 april 963), bijg.Touwhoofd (omdat hij een wilde bos met haar had) of de Vrome, was een zoon van Ebalus van Aquitanië en diens eerste echtgenote Aremburgis. Hij werd graaf van Poitiers, als Willem I, in opvolging van zijn vader, en vanaf 935, hertog van Aquitanië, als Willem III.

In 935 volgde hij zijn vader op als graaf van Poitiers en eiste ook de titel van hertog van Aquitanië op. Die titel bleef echter in handen van de graaf van Toulouse. In 936 moest hij onder druk van Lodewijk IV van Frankrijk zelfs ook zijn bezittingen in Poitiers opgeven, ten gunste van Hugo de Grote. In jaren daarna vocht Willem voor Lodewijk tegen Hugo, onder andere in de verloren slag bij Laon. Toen in 942 een vrede werd bemiddeld tussen Lodewijk en Hugo, huldigde Willem Lodewijk als zijn koning en kreeg daarvoor Poitiers terug, en de functie van lekenabt van Saint-Hilaire-le-Grand.

In 950 kwam hij weer in aanvaring met de koning die Hugo had benoemd tot hertog van Aquitanië. Lodewijk en Hugo probeerden Aquitanië te veroveren maar werden door Willem verslagen. In 955 werd hij graaf van de Auvergne en van Limoges. Willem veroverde Vitry-sur-Loire op de graven van Anjou. Koning Lotharius en Hugo probeerden dat jaar Poitiers te veroveren wat mislukte, hoewel Willem wel in een veldslag werd verslagen. Na de dood van Hugo werd die opgevolgd door de minderjarige Hugo Capet. Die was niet in staat om de aanspraken op het hertogdom door te zetten, en doordat Willem zich verzoende met Lotharius ontstond een periode van rust. Vanaf 959 had Willem de titel van graaf van het hertogdom van Aquitanië, vanaf 962 was hij ook formeel hertog van Aquitanië na 962. In dat jaar deed hij afstand van zijn functie en werd monnik in de abdij Saint-Cyprien te Poitiers. Samen met zijn vrouw deed hij in 963 nog een schenking aan de abdij van Cluny. Willem is de oprichter van de hertogelijke bibliotheek in zijn paleis te Poitiers. Willem is begraven in de abdij van Saint-Cyprien.

Hij huwde met Adela (917 – na 969), dochter van Rollo van Normandië, en had bij haar twee kinderen:

  • Willem IV (935 – 993) (Volgt 6a)
  • Adelheid (952-1004) (Volgt 6b), gehuwd met Hugo Capet.

Voor haar huwelijk liet Gerloc zich dopen en nam de naam Adela aan. Zij kreeg in 962 van koning Lotharius de bezittingen terug die Willem in 936 aan Hugo de Grote had moeten afstaan, om daar een klooster voor de heilige drie-eenheid te stichten.

6a. Willem IV van Aquitanië (geboren 937 – overleden 3 februari 995), bijgenaamd Fierebras ofFierebrace (“IJzeren Arm”) was hertog van Aquitanië, als Willem IV en graaf van Poitiers als Willem II.

Nadat zijn vader Willem III van Aquitanië in 963 afstand had gedaan van zijn functies volgde Willem hem op als hertog van Aquitanië, graaf van Poitiers en lekenabt van Saint Hilaire te Poitiers. Hij wistGodfried I van Anjou te verslaan die probeerde gebieden in de Poitou te veroveren. In 971 deed hij een schenking aan Saint-Jean te Angély voor het zielheil van zijn moeder.

Willem regeerde in een lange periode van voorspoed en vrede. Hij was een liefhebber van de jacht en had een groot aantal minnaressen. Zijn vrouw Emma van Blois weigerde dat te accepteren. Zij hadden grote ruzies, Emma nam wraak op Willems minaressen en verliet hem uiteindelijk in 976. Kort daarna kreeg Willem last van zijn gezondheid. Hij werd genezen door Madelmus, een Italiaanse geneesheer. Madelmus werd door Willem rijkelijk beloond en had enige tijd grote invloed op hem. Dat er verder weinig van Willem bekend is, heeft vermoedelijk een oorzaak in spanningen met de geestelijkheid door zijn privé-leven.

In 988 probeerde de nieuwe koning Hugo Capet Aquitanië op te eisen. Het hertogdom was door koning Lotharius van Frankrijk namelijk eens aan Hugo toegezegd. Willem wist Hugo echter te verslaan bij de Loire. Emma en Willem verzoenden zich, en als gevolg daarvan werden Willems minnaressen verbannen. Willem en Emma werden zeer religieus en deden een groot aantal schenkingen, waaronde de stichting van de abdij van Maillezais. Willem bleef weigeren om Hugo als koning te erkennen en noemde zichzelf soms koning van Aquitanië. In 991 verliet Emma Willem opnieuw. Willem deed in 993 afstand van zijn functies en ging wonen in de abdij van Saint Cyprien te Poitiers. Op zijn doodsbed werd hij monnik in de abdij van Saint Maixaint te Poitiers waar hij ook is begraven.

Willem was een zoon van Willem III van Aquitanië en Adela van Normandië, dochter van Rollo. Hij trouwde in 968 met Emma, dochter van Theobald I van Blois en Liutgard van Vermandois, en werd vader van:
– Willem V (Volgt 7a).
– Ebalus, die alleen één keer in 997 in een akte wordt vermeld.
– Beatrix van Poitiers (Volgt 7b)

6b. Adelheid van Poitiers (geboren 945/952 – overleden ca. 1004) was een dochter van Willem III van Aquitanië en van Adela van Normandië, dochter van Rollo en Poppa. Haar broer gebruikte haar huwelijk (ca. 968) als bezegeling van een verdrag met Hugo Capet. In 987, na de dood van Lodewijk de Doeniet, werd Hugo koning van Frankrijk en werd Adelheid gezalfd en gekroond tot koningin. Adelheid bouwde kapellen in Senlis (Oise) en Argenteuil. Zij hadden de volgende kinderen:

  • Gisela (ca. 969), gehuwd met Hugo, zoon van Hilduinus III van Montreuil. Hugo Capet gaf het echtpaar Abbeville (Somme), Ancre en Domart, uit het bezit van de abdij van Saint-Riquier en maakte Hugo lekenabt van die abdij. Deze bezittingen vormden later het graafschap Ponthieu en Hugo werd bekend als Hugo I van Ponthieu ( ovl 1026).
  • Hedwig (ca. 970 – na 1013), gehuwd met Reinier IV van Henegouwen.
  • Robert II (972 – 1031) (Volgt Capetingers nr. 9).

7a. Willem V van Aquitanië (geboren 969 – overleden Maillezais, 31 januari 1030), bijg. de Grote, was hertog van Aquitanië, als graaf van de Poitou was hij Willem III.

Willem werd opgevoed door zijn moeder, na de scheiding van zijn ouders. In 988 keerde hij terug naar de Poitou en deed in 992 een schenking aan de abdij van Saint Maixent. Toen zijn vader afstand deed in 993 werd Willem hertog van Aquitanië, graaf van de Poitou en leken-abt van de abdij van Saint Hilaire te Poitiers.

Willem was een gestudeerde en vrome vorst, die een vredelievende bestuur voerde en er naar streefde conflicten door diplomatie of juridisch op te lossen. Hij had een goede verstandhouding met keizer Hendrik II en wisselde geschenken met hem uit. Militair was hij echter niet succesvol. Hij moest een beroep doen op Robert II van Frankrijk om zijn vazal, graaf van La Marche Boso II te bedwingen, en dat mislukte ook nog. Hij werd verslagen door Fulco III van Anjou, en moest daardoorLoudun en Mirebeau moet opgeven. Ook de Vikingen versloegen hem in 1006. Ten slotte gaf hij Confolens, Ruffec en Chabanais af aan zijn vazal van Willem III van Angoulême.

Toen de Italiaanse adel in 1024-1025 onder leidng van Manfred II Olderik van Turijn in Frankrijk een koning zocht, kozen zij Hugo, de zoon van koning Robert. Maar door het verzet van Robert kon dit niet doorgaan en toen boden ze de kroon aan Willem aan. Willem trok naar Italië om het voorstel te bespreken, maar weigerde voor hem en zijn zoon vanwege van de ondoorzichtigheid van de Italiaanse politieke situatie. Er zijn zes brieven van Willem over dit onderwerp bewaard gebleven.

Willem ondersteunde de invoering van de Godsvrede. Hij voerde een actieve correspondentie met grote kerkleiders, wetenschappers en machthebbers. Willem stichtte een kathedraalschool in Poitiers, verzamelde manuscripten en stichtte een bibliotheek. Hij herbouwde de kathedraal van Poitiers. Willem stichtte de abdijen van Maillezais (1010) en Borgeuil. Ieder jaar maakte hij een pelgrimsreis naar Italië of Spanje. In 1029 trad Willem af en werd monnik in het klooster van Maillezais.

Willem was zoon van Willem IV van Aquitanië en van Emma van Blois. Hij was drie maal getrouwd:

  1. ca. 997 Adalmode van Limoges, dochter van Géraud, burggraaf van Auvergne, weduwe van Audebert I graaf van La Marche en de Périgord.
    1. Willem VI (1004-1038)
    2. Adelheid (ovl. na 1033)
  2. 1011, voor 10 maart, Brisca (Sancha) van Gascogne, dochter van Sancho Willem, hertog van deGascogne.
    1. Otto (1012-1039)
    2. Theobald, jong overleden
  3. 1019 Agnes van Mâcon, dochter van Otto Willem van Bourgondië
    1. Pieter, die als hertog de naam Willem VII koos (Volgt 8a)
    2. Guy, die als hertog de naam Willem VIII koos (Volgt 8b)
    3. Agnes van Poitiers
    4. Beatrix (ovl. 1109), die huwde met graaf Raymond I van Melgeuil.

7b.  Beatrix van Poitiers
Geboren 961.
Zij was gehuwd met Giselbert de Roucy.Geboren 951, overleden 995. Graaf van Roucy en Reims.
Zoon van Reinauld Ragnvald de Roucy en Alverade van Lotharingen.

Zoon:

 

8a. Willem VII van Aquitanië (geboren 1023 – overleden Saumur, herfst 1058), bijgenaamd de Adelaar, was de oudste zoon van Willem V van Aquitanië en diens derde echtgenote Agnes van Mâcon. Willem kwam aan de macht, dankzij de intriges van zijn moeder, die als regentes zijn twee halfbroers had uitgeschakeld. Hij was hertog van Aquitanië en Gascogne, graaf vanPoitiers, Bordeaux en Agen, en lekenabt van Saint Hilaire te Poitiers. Hij bestreed zijn stiefvaderGodfried IV van Anjou in Anjou (die na de scheiding van zijn moeder in 1053 weigerde haar bruidsschat terug te geven) en zijn neef Bernard II van Armagnac in Gascogne. Hij overleed tijdens de belegering van Saumur door dysenterie. Hij is begraven in de Sint-Nicolaasproosdij te Poitiers.

Willem was gehuwd met Ermesinde,  dochter van Adalbert van Lotharingen. Hij werd de vader van :

  • Agnes, in 1054 gehuwd met Ramiro I van Aragón (-1063) en met graaf Peter I van Savoye (1048-1078)
  •  Clementia-Ermengard  (Volgt 9a)(-1129), gehuwd met graaf Koenraad I van Luxemburg (-1086) en met graaf Gerard I van Gelre .

 

8b. Willem VIII van Aquitanië (1023 – Chizé, 25 september 1086) was de tweede zoon van Willem V van Aquitanië en diens derde echtgenote Agnes van Mâcon. Oorspronkelijk heette hij Godfried (soms ook Guy genoemd). Hij volgde zijn broer Pieter, die zich Willem VII noemde, op als hertog in Aquitanië en nam daarbij de naam Willem aan. Als graaf van Poitiers was hij Willem VI.

Onder zijn broer Willem VII had Willem VIII al een aandeel in het bestuur. In 1039 werd hij hertog van Gascogne onder zijn broer, en in 1044 ook graaf van Bordeaux (stad) en Agen. In 1052 volgde hij zijn overleden broer op, die alleen dochters had. Willem voerde een politiek die was gebaseerd op bondgenootschap met de christelijke Spaanse koninkrijken. Ook gaf hij grote schenkingen aan een aantal kloosters. In 1060 moest Willem Bordeaux verdedigen tegen graaf Willem IV van Toulouse. Willem verwierf in 1062 Saintes en de Saintonge en stelde daar een provoost aan. In 1063 onderwierp hij de graaf van Armagnac en leidde hij de Franse en Italiaanse toepen die in een kruistocht Barbastro veroverden op de Moren. Willem stelde in 1075 Pierre Bridier aan als Seneschalk in voor het hertogdom Aquitanië.

Zijn derde vrouw, Hildegarde, was een nicht in de vierde graad. Paus Gregorius VII eiste hun scheiding, maar stond een vrijstelling toe nadat Willem zijn zaak in Rome had bepleit. Dit betekende dat hun zoons een wettige status kregen. Willem VIII liet als dank in Poitiers een abdij bouwen, gewijd aan Sint Jan de Evangelist droeg die over aan Cluny. Willem is in deze abdij begraven.

Willem was gehuwd met:

  • Anna (-1058), dochter van graaf Adelbert II van Périgord en weduwe van graaf Odo van Bordeaux. Zij kregen een dochter:
    • Agnes (1052-1077), trouwde in 1086 met Peter I van Aragón.
  • Mathilde (-1069), dochter van graaf Bernard van Périgord, in 1068 verstoten wegens onvruchtbaarheid
  • Hildegarde van Bourgondië, dochter van Robert I van Bourgondië (Zie Capetingers nr. 10b). Willem en Hildegarde kregen de volgende kinderen:
    • Willem IX (1071-1126) (Volgt 9b)
    • Hugo (1075 – na 1126)
    • Agnes (-1097), in 1096 gehuwd met Peter I van Aragón (1069-1104).
    • mogelijk Beatrix (1075-1110), in 1108 gehuwd met Alfonso VI van Castilië-León (1036-1109)

9a. Clementia van Poitiers (ca 1045-1142) was een dochter van Willem VII van Aquitanië en van Ermesinde van Lotharingen.
Zij was de echtgenote van Koenraad I van Luxemburg.

Clementia (ookwel door de vermoedelijke huwelijksschat van Gleiberg genoemd) is  hertrouwd metGerard I van Gelre.

Koenraad en zijn Clementia  kregen de volgende kinderen:

  • Mathilde (geb. ca. 1060), gehuwd met Godfried van de Bliesgau
  • Hendrik
  • Rudolf (ovl. 1099), abt van Saint Vannes te Verdun (van 1075 tot zijn dood) en van de Altmünster te Luxemburg, vanaf de stichting van die abdij
  • Koenraad
  • Ermesinde (Volgt Graven van Luxemburg 5b)
  • Willem
  • Adalbero (ovl. Antiochië, 1098), aartsdeken van Metz, nam deel aan de eerste kruistocht en werd tijdens het beleg van Antiochië overvallen toen hij met een edelvrouwe aan het dobbelen was. Adalbero werd gedood en de dame werd meegevoerd in de stad. Hun hoofden werden met een katapult teruggeschoten.

Clementia  was hertrouwd met Gerard I van Gelre en kreeg met hem de volgende kinderen:

  • Judith (-1151), in 1110 gehuwd met graaf Walram II van Limburg (-1139) (Volgt Graven van Limburg nr. 3a).
  • Yolanda van Gelre, gehuwd met graaf Boudewijn III van Henegouwen (-1120) (Volgt Graven van Henegouwen nr. 10) en met burggraaf Godfried van Valenciennes
  • Gerard II van Gelre (Volgt Graven van Gelre nr. 5)

 

9b. Willem IX van Aquitanië (geboren 22 oktober 1071 – overleden Chizé, 10 februari 1126)
Bijgenaamd de Troubadour of de Jonge, was een zoon van graaf Willem VIII van Aquitanië en Hildegarde van Bourgondië. Willem wordt beschouwd als een van de belangrijke voorbeelden van dichters en zangers uit de riddercultuur van de latere middeleeuwen.

Willem volgde in 1086 zijn vader op als graaf van Poitiers en hertog van Aquitanië. In 1088 trouwde hij Ermengarde van Anjou (ovl. 1146), dochter van Fulco IV van Anjou. Zij was mooi en goed opgeleid maar had sterk wisselende stemmingen, en had de gewoonte om in een slechte bui onverwacht afzondering te zoeken in een klooster. In 1091 besloot Willem om Ermengarde te verstoten, zij hadden geen kinderen. In 1094 trouwde Willem met Philippa (ca. 1073 -Fontevraud, 28 november 1117), erfdochter van graaf Willem IV van Toulouse. Na de dood van Willem IV, nam Raymond IV van Toulouse echter de macht over in het graafschap Toulouse.De paus bezocht Willem in 1095 maar die weigerde om deel te nemen aan de Eerste Kruistocht. Raymond nam wel deel aan de kruistocht en Willem maakte in 1098 van zijn afwezigheid gebruik om Toulouse te bezetten. De kerk dreigde met excommunicatie maar Willem vond dat hij alleen maar het rechtmatige bezit van zijn vrouw opeiste en hield voet bij stuk. Ongetwijfeld als verzoenend gebaar naar de kerk besloot Willem wel deel te nemen aan de Kruisvaart van 1101. Om deze onderneming te financieren verpandde hij het graafschap Toulouse aan Bertrand van Toulouse, de zoon van Raymond. Willems kruistocht verliep rampzalig en hij bereikte met slechts zes volgelingen het Heilige Land. Teruggekomen had hij conflicten met Fulco V van Anjou. Bertrand van Toulouse overleed in 1112 en dit gaf Willem de gelegenheid om in 1113 het graafschap Toulouse opnieuw te bezetten.In 1114 kreeg Willem een conflict met de kerk over belastingen. Willem werd geëxcommuniceerd. Hij probeerde de bisschop van Poitiers deze excommunicatie te laten annuleren maar die weigerde, zelfs toen Willem hem persoonlijk met zijn zwaard bedreigde. Willem durfde zijn dreigement niet uit te voeren en gaf toe, met de volgende uitspraak “U bent mij niet zo dierbaar dat ik u nu al naar het paradijs wil zenden”. Een jaar later werd Willem opnieuw geëxcommuniceerd omdat hij Amalberga, de vrouw van zijn vazal Amalrik van Châtellerault, ontvoerde en als minnares nam. Een afgezant van de paus vermaande Willem hierom maar Willem antwoordde de geestelijke: “Er zullen krullen op je tonsuur groeien voordat ik de burggravin zal verlaten!”. Philippa voelde zich zo vernederd dat zij Willem verliet en haar intrek nam in de abdij van Fontevraud, waar Ermengarde ook al verbleef.Na de dood van Philippa in 1118 verscheen Ermengarde aan het hof van Willem en eiste om als hertogin te worden hersteld, maar Willem weigerde dat. Tijdens het concilie van Reims van 1119 bepleitte ze nogmaals haar zaak, maar zonder succes. In 1120 wist Willem te bereiken dat de excommunicatie werd opgeheven. In ruil daarvoor trok hij naar Spanje om tegen de Moren te strijden. Willem vocht mee in de slag bij Cutanda en bij de verovering van Calatayud. Hij kreeg in Spanje van Imad al-Dawla Abdelmalik (heerser van Zaragoza (stad)) een oude Perzische vaas van bergkristal. Deze werd door zijn kleindochter Eleonora van Aquitanië aan haar eerste man, Lodewijk VII van Frankrijk, gegeven. De vaas is nu nog te zien in het Louvre. In 1121 verzoende Willem zich met zijn zoon Willem, met wie hij een conflict had wegens de affaire met Amalberga. De zoon trouwde zelfs een dochter van Amalberga en Amalrik om de verzoening te bezegelen. Willem verloor in 1122 definitief de macht over Toulouse. Hij overleed tijdens het beleg van het kasteel van Blaye.
Willem moderniseerde het bestuur van zijn hertogdom door naast zijn vazallen aparte functies voor bestuurders en opzichters te creëren. Hij verbouwde zijn paleis in Poitiers en zijn hof daar was een van de belangrijkste hoven van Europa. Willem was beschermheer van een groot aantal kunstenaars. Vooral is hij bekend door zijn eigen gedichten in het Occitaans. Zijn gedichten gaan vooral over vrouwen en liefde maar ook over zijn eigen ervaringen en emoties in politiek en oorlog en over zijn eigen (overdreven) seksuele prestaties. Zijn minnares Amalberge komt onder de naam “Dangereuse” in zijn gedichten voor. Willem had gewoonte om ten strijde te trekken met een afbeelding van de naakte Amalberge op zijn schild.
Willem had geen kinderen uit zijn eerste huwelijk met Ermengarde. Na de scheiding hertrouwde Ermengarde met Alan IV van Bretagne en kreeg met hem drie kinderen. Ze bezocht het Heilige Land en werd begraven in Redon.Willem en Philippa kregen de volgende kinderen:

  • Willem X (Volgt 10a)
  • Agnes (Volgt 10b), die huwde met Amalrik V van Thouars en daarna met Ramiro II van Aragón
  • nog vier onbekende dochters.

Willem en zijn minnares Amalberge kregen de volgende kinderen:

  • Raymond van Poitiers
  • Hendrik, gekozen maar niet benoemd als bisschop van Soissons. Monnik en later prior van de abdij van Cluny, abt van Saint-Jean-d’Angély maar verjaagd door de monniken daar, 1127 abt van Peterborough, in 1132 afgezet waarna hij zich terugtrok als monnik in de abdij van Saint-Jean-d’Angély.
  • Adelaide, gehuwd met Rudolf van Faye, gaf steun aan de mislukte opstand van Hendrik II van Maine tegen zijn vader Hendrik II van Engeland.
  • Sybille, abdis van Saintes (Charente-Maritime)

Amalberge had uit haar huwelijk met Amalrik van Châtellerault vijf kinderen, waaronder Eleonore die trouwde met Willem X.

10a. Willem X van Aquitanië (Toulouse, 1099 – Santiago de Compostella, 9 april 1137), van Toulouse, bijgenaamd de Heilige, was een zoon van Willem IX van Aquitanië en van Filippa van Toulouse. Als graaf van Poitiers was hij Willem VIII.

Willem had in zijn jeugd een hoogoplopend conflict met zijn vader. Willem ergerde zich zeer aan de losbandige manier van leven van zijn vader en nam hem bijzonder kwalijk dat hij het graafschap Toulouse had verspeeld. Het conflict werd in 1120 bijgelegd en de verzoening werd bezegeld door het huwelijk van Willem met Aenor van Châtellerault (ca. 1103 – Talmont, maart 1130-1136). Zij was de dochter van Aimery I van Châtellerault en diens vrouw Amalberga, die Aimery had verlaten om in alle openheid de minnares van Willem IX te worden. In 1126 volgde hij zijn vader op als hertog van Aquitanië en graaf van Poitiers.In 1126 ontstond er een conflict tussen de graaf van de Auvergne en de plaatselijke bisschop. Lodewijk VI van Frankrijk probeerde dit op te lossen en dat noodzaakte Willem tot ingrijpen omdat de graaf van Auvergne zijn leenman was. Lodewijk erkende Willems rechten op de Auvergne, en Willem erkende Lodewijk als zijn koning. Willem was verder vooral bezig met het onderdrukken van opstandige families zoals de Lusignan, de Parthenay en de Châtelaillon. Hij was een aanhanger vanTegenpaus Anacletus II, totdat Bernardus van Clairvaux hem in 1134 overtuigde om paus Innocentius II te steunen. In 1136 steunde hij de aanval van Godfried V van Anjou op Normandië.Willem bevorderde kunst en wetenschap en gaf zijn kinderen een goede opleiding. Hij overleed op een pelgrimstocht, vermoedelijk aan voedselvergiftiging. Op zijn doodsbed verzocht hij Lodewijk VI van Frankrijk om een goede echtgenoot voor zijn erfdochter Eleonora te vinden.
Willem en Aenor kregen de volgende kinderen:

  • Eleonora (Volgt 11)
  • Willem (1121-1137)
  • Aelis (Petronella) (ca. 1125 – na 24 oktober 1151), tweede vrouw van Roeland I van Vermandois die zijn eerste vrouw voor haar verstootte.

Willem hertrouwde in 1136 met Emma van Limoges, dochter van Ademar III van Limoges en weduwe van Bardon van Cognac. Willem en Emma kregen geen kinderen. Emma hertrouwde met Willem VI van Angoulême.

10b. Agnes van Poitou
Geboren omstreeks 1103 – overleden Abdij van Fontevraud, 1157 of 1159.
Zij was een dochter van Willem IX van Aquitanië en van Filippa van Toulouse.
In 1116 trouwde zij met Almarik V van Thouars, bij wie zij vier kinderen kreeg:

Willem
Godfried IV (1125-1173)
Gwijde, gehuwd met Johanna, dochter van Burchard van Beauffort.

In 1135 hertrouwde zij met koning Ramiro II van Aragón (Zie Koningen van Aragón nr. 3), met wie zij nog een dochter kreeg:

Petronila (1135 – 1173), koningin van Aragon (Zie Koningen van Aragón nr. 4).
 
Eleonora van Aquitanië2

Eleonora van Aquitanië

11. Eleonora van Aquitanië (geboren ca. 1122 – overleden Abdij van Fontevraud, Frankrijk, 1 april 1204)
Zij was hertogin van Aquitanië en achtereenvolgens koningin van Frankrijk, koningin van Engeland, en regentes van Engeland.
Eleonora was de dochter en erfgename van hertog Willem X van Aquitanië en Eleonora van Châtellerault. Eleonora kreeg uit haar twee huwelijken de volgende kinderen:

Bij Lodewijk VII van Frankrijk (Zie Capetingers nr. 13):

Bij Hendrik II van Engeland (Zie Koningen van Engeland nr. 24):

  • Willem, jong overleden
  • Hendrik de Jongere, graaf van Maine
  • Mathilde Plantagenet, gehuwd met Hendrik de Leeuw
  • Richard Leeuwenhart, koning van Engeland
  • Godfried, hertog van Bretagne
  • Eleonora (Volgt 12)
  • Johanna, gehuwd met (1177) Willem II van Sicilië en met (1196) Raymond VI van Toulouse
  • Jan zonder Land, koning van Engeland na Richard

12. Eleonora van Engeland (1162-1214) was de dochter van koning Hendrik II van Engeland en Eleonora van Aquitanië. Zij trouwde in 1170 op 8-jarige leeftijd met koning Alfons VIII van Castilië, waardoor de grens met de Pyreneeën werd beveiligd en kreeg Gascogne mee als bruidsschat. Eleonora stierf enkele weken na haar echtgenoot in 1214. Het paar kreeg de volgende kinderen:

  • Berenguela, koningin van Castilië (1180 – 1246), echtgenote van Alfons IX, koning van León
  • Sancho, prins van Castilië (1181)
  • Sancha, prinses van Castilië (1182 – 1184)
  • Urraca, prinses van Castilië (1186 – 1220), echtgenote van Alfons II van Portugal
  • Blanca van Castilië, prinses van Castilië  (1188 – 1252) (Volgt 13), echtgenote van Lodewijk VIII van Frankrijk
  • Ferdinand, prins van Castilië (1189 – 1211)
  • Mafalda, prinses van Castilië (1191 – 1204)
  • Hendrik, prins van Castilië (1192 – 119?)
  • Constanza, prinses van Castilië (1196 – 119?)
  • Eleonora, prinses van Castilië (1202 – 1244), echtgenote van Jacobus I van Aragón
  • Hendrik I, koning van Castilië (1204 – 1217), zijn opvolger
  • Constanza (? – 1243), abdis van de Koninklijke Abdij van Las Huelgas in Burgos, gesticht door haar vader.

13. Blanca van Castilië (ook: Blanche van Castilië)
Geboren Palencia, 4 maart 1188 – overleden Melun, 27 november 1252. Ze was een dochter van koning Alfons VIII van Castilië en Eleonora van Engeland.
Zij was als echtgenote van koning Lodewijk VIII koningin van Frankrijk en na de dood van haar echtgenoot ook lange tijd regentes van het koninkrijk.

Toen haar echtgenoot in november 1226 overleed, in volle kruistocht tegen de Katharen, werd Blanca plots regentes voor haar twaalfjarige zoontje Lodewijk IX, in een koninkrijk aan de rand van de opstand. Met steun van de pauselijk legaat Frangipani wist zij met succes haar gezag te herstellen over rebellerende vazallen en kon zij met name Chartres, Blois en Languedoc voor haar zoon herwinnen. Vanaf de meerderjarigheid van Lodewijk IX in 1234, betrok zij hem langzamerhand steeds méér bij de regeringstaken, zonder zichzelf echter volledig terug te trekken.

Nadat Lodewijk IX, ondanks de waarschuwingen van zijn moeder, in 1248 inscheepte voor de Zevende Kruistocht, werd zij opnieuw alleen gevolmachtigd regentes. De kruistocht leek haar een geldverslindende en gevaarlijke onderneming en het verloop van de geschiedenis heeft haar gelijk gegeven. Blanca van Castilië zou haar beide zoons niet meer terugzien. Robert I van Artesië sneuvelde in El-Mansoera en Lodewijk zou pas terugkeren in Parijs toen zijn moeder was begraven.

In 1250 had zij nog af te rekenen met de zogeheten pastoureaux, opstandige landlieden die al plunderend door Frankrijk trokken. Dat werd haar laatste optreden. In 1251 verergerde de hartkwaal waaraan ze reeds enkele jaren leed. Zij besloot zich terug te trekken in het cisterciënzerklooster van Maubuisson, dat zij tien jaar eerder gesticht had en waar zij op 12 november 1252 overleed op de leeftijd van 64 jaar.

Zij werd door een verdrag (januari 1200) tussen de koningen Filips Augustus van Frankrijk en Jan zonder Land van Engeland verloofd met de Franse kroonprins Lodewijk (1187-1226), de latere Lodewijk VIII). Het huwelijk vond plaats op 23 mei 1200 in Pont-Audemer (Normandië). Uit dit huwelijk kwamen dertien kinderen voort:

  1. Blanche (1205-1206)
  2. Agnes (1207-1207)
  3. Filips – (9 september 1209 – 1218)
  4. Alphonsus en Jan (1213-1213), tweeling,
  5. Louis (de latere Lodewijk IX) (Volgt Capetingers nr. 16)
  6. Robert – (25 september 1216 – 9 februari 1250)
  7. Filips (1218-1220)
  8. Jan Tristan- (21 juli 1219 – 1232)
  9. Alfons van Toulouse – (11 november 1220 – 21 augustus 1271)
  10. Filips Dagobert – (20 februari 1222 – 1232)
  11. Isabella van Frankrijk – (juni 1225 – 23 februari 1269)
  12. Stefan – (geboren en gestorven in 1226)
  13. Karel I van Sicilië – (maart 1227 – 7 januari, 1285)

 

Terug naar:

Keizers, Koningen en Hertogen