Schoonhoven

 

Schoonhoven in 1652, door J. Blaeu.

Schoonhoven, door Lodovico Guicciardini in1625.

Schoonhoven is een stad en voormalige gemeente in de gemeente Krimpenerwaard in de Nederlandse provincie Zuid-Holland. De gemeente Schoonhoven telde 11.900 inwoners (1 mei 2014, bron: CBS) en had een oppervlakte van 6,96 km² (waarvan 0,67 km² water). Het was hiermee qua oppervlakte de kleinste gemeente van Nederland. Binnen de voormalige gemeentegrenzen ligt ook de dorpskern van Willige Langerak en een deel van de buurtschap Bovenberg.

Schoonhoven ligt ten noorden van de Lek in de Krimpenerwaard aan de N210, tegen de grens met Utrecht. De historisch strategische ligging op de grens van Holland en het Sticht was bepalend voor de vorm van het stadscentrum. Schoonhoven beschikt over een veerpont voor auto’s en fietsen, hoewel er een oprit is aangelegd voor een brug naar Gelkenes. Schoonhoven is bekend vanwege zijn zilversmeden en zilverindustrie.
De plaats Schoonhoven is ontstaan langs de rivier de Zevender, waarvan de loop nog herkenbaar is in de Lange Weistraat.

Reconstructietekening van het kasteel bij Schoonhoven, door Gerrit Neven.

Er bevond zich een kasteel ter hoogte van het huidige Springerpark. Schoonhoven werd in 1247 voor het eerst genoemd als Sconhouen. Wanneer Schoonhoven stadsrechten heeft verkregen is niet bekend. Wel is bekend dat in het midden der 13e eeuw een burcht werd gesticht door Jan van der Lede.
Jan I van der Lede (1205 – na 1255) was heer van der Lede en Schoonhoven van 1243 tot zijn dood. Hij was een zoon van Floris Herbaren van der Lede en Jacomijn Hugosdochter Botter van Schoonhoven.
Jan I erfde de heerlijkheid van der Lede van zijn oudere broer Herbaren II van der Lede, toen deze de heerlijkheid Arkel verkoos als verblijfplaats. Jan komt in een oorkonde van 1247 voor als erfheer van Schoonhoven.

In 1280 wordt de heerlijkheid uitgegeven door Floris V van Holland aan Nicolaes Vrijheer van Cats. Een jaar later gaf de bisschop van Utrecht zijn wereldlijke rechten en rechtspraak aan de oostkant van Schoonhoven, in “Lopikerpoort”, eveneens in leen aan Nicolaas van Cats. Hiermee kwam het gehele gebied onder één heer. In hetzelfde document verleende de bisschop Schoonhoven tolvrijdom. Schoonhoven  speelde een rol in de strijd tussen Vlaanderen en Holland aan het begin van de 14e eeuw, omdat de slotvoogd Nicolaas van Cats (zoon van Nicolaes van Cats) de Vlaamse kant had gekozen. Willem III van Holland en Witte van Haemstede sloegen in juli 1304 het beleg van Schoonhoven, en verkregen door een list de overgave van de stad. In 1375 en in juli 1518 vonden grote stadsbranden plaats. In 1566 bleef Schoonhoven trouw aan Brussel. Bij de Inname van Schoonhoven op 20 oktober 1572 maakten de Geuzen onder leiding van Lumey zich meester van het stadje. Maar in 1575 was het Beleg van Schoonhoven door Gilles de Berlaymont in dienst van Hertog van Alva, die echter twee jaar later heel Holland gewonnen gaf.

Stadhuis van Schoonhoven

 

 Het stadhuis van Schoonhoven is een stadhuis gelegen aan de ‘Haven’ in het centrum van Schoonhoven.

Het stadhuis bezit een 50 klokken tellend carillon. Het oorspronkelijk in gotische stijl uitgevoerde gebouw dateert uit de 15e eeuw maar werd tijdens restauraties in 1776 en 1927 sterk gewijzigd waardoor van het oorspronkelijke karakter weinig over is.

Voor het stadhuis ligt een overkluizing en een stervormig mozaïek in het plaveisel, vermoedelijk een oude gerechtsplaats. Deze zijn net als het stadhuis aangewezen als rijksmonument.

 

In 1591 werd Marigje Arriens, een kruidenvrouwtje uit Schoonhoven dat als vermeende heks voor kwaadaardige toverij werd veroordeeld, waarna zij op de brandstapel eindigde. Over waarom de zeventigjarige vrouw van toverij werd beticht verschillen de meningen. Volgens het ene verhaal zou zij zijn aangeklaagd door een ontevreden patiënt. Volgens een ander verhaal zou zij zijn bespied door een jongetje. Volgens het vonnis zou zij het kind aangeraakt hebben, waarna zijn hoofdhaar gekrompen was. Na martelingen legde zij een bekentenis af, waarin zij toegaf dat de duivel haar twee keer had bezocht. Zij beschreef hem als een lange man, gekleed in het zwart die zich ‘Heijnken’ liet noemen. Hij beloofde haar in haar armoede te helpen als zij God zou loochenen en zich aan hem overgaf. Na zijn vertrek vond ze een goudstuk op haar bed en met een potje zalf, dat hij haar had gegeven, maakte ze mensen ziek die haar kwaad wilden doen.
Nadat zij schuldig was bevonden aan toverij, werd zij voor het stadhuis genadiglyk gewurgd ende daarna tot asch verbrand.
Al in de 17de eeuw waren er bekende zilversmeden. Schoonhoven heeft een internationale Zilverschool. De stad staat dan ook bekend als de Zilverstad.Tot 1942 was Schoonhoven het eindpunt van de spoorlijn Gouda-Schoonhoven. Het oorspronkelijke stationsgebouw staat er nog steeds. Het stationsgebied is nu een busstation. Tot en met 31 december 2014 was Schoonhoven onderdeel van de gemeente Schoonhoven. Op 1 januari 2015 is Schoonhoven gefuseerd met de gemeenten NederlekOuderkerkVlist en Bergambacht tot de nieuwe gemeente Krimpenerwaard.

Wapen Schoonhoven 1816 – 1932

Het wapen van de Nederlandse gemeente Schoonhoven werd in 1816 (en 1933) vastgesteld door de Hoge Raad van Adel. Het wapen bleef in gebruik tot op 1 januari 2015 de gemeente opging in de nieuw gevormde gemeente Krimpenerwaard.

Willem III de Goede, graaf van Holland en Henegouwen

Het oudst bekende zegel van de stad dateert uit 1323. Op het zegel wordt een burcht met twee torens afgebeeld, met boven de burcht een gevierendeeld wapen met vier leeuwen. Deze burcht zal het door Jan I van der Lede in de 13e eeuw gebouwde kasteel zijn dat voorheen bij Schoonhoven stond. Het wapen is ontleend aan dat van de graven van Holland-Henegouwen. Graaf Willem III van Holland (1287-1337) werd in 1304 graaf van Henegouwen, hij was de eerste die met de vier leeuwen zegelde, twee rode voor Holland en twee zwarte voor Henegouwen. Hij was van 1304 tot 1310 heer van Schoonhoven.

Wapen Schoonhoven 1933 – 2014

In het wapendiploma van 1816 worden de leeuwen in het eerste kwartier en vierde kwartier in het rood weergegeven en de leeuwen in het tweede en derde kwartier in zwart. Op diverse plaatsen, zoals in de 16e-eeuwse glas-in-loodramen van de Sint-Janskerk in Gouda (glas 1, geschonken in 1596 en daarmee de oudst bekende afbeelding van het wapen) en het wapen van Rotterdam staat de zwarte leeuw echter in het eerste en vierde kwartier. De volgorde van de kleuren leidde ook binnen de gemeente geregeld tot discussie. In 1932 besloot het gemeentebestuur van Schoonhoven de kleurvolgorde van de leeuwen om te draaien, sindsdien staat de zwarte leeuw in het gemeentewapen in het eerste kwartier. In 1933 werd deze nieuwe versie van het wapen door de Hoge Raad bevestigd.

 

Bron: Wikipedia – Schoonhoven

Voorouders:

  • Hugo Botter van Schoonhoven
    Geboren te Schoonhoven in 1149, overleden in 1180. Heer van Schoonhoven. Hij was de vader van:
  • Jacomijn van Schoonhoven
    Geboren rond 1170. Zij was gehuwd met Floris Herbaren van der Lede (ca.1170 – ca.1207) was heer van der Lede van 1200 tot zijn dood.
  • Nicolaes van Cats
    Vrijheer van Cats, Catshoek, Maerlant, Emelisse, Welle, Duiveland, Ossendrecht, Lopik en Boenrepas. In 1280 op 24 maart heer van Cabauw. Heer van Schoonhoven en op 19 juli 1272 geeft Floris V aan Nicolaas Cats (voogd van Sophia van der Goude) stadsvrijheid van Gouda. Maar hij had ook het erfpacht van de Vlist. Ook had hij Zuid-Zevender en Noord-Zevender verworven. Tevens de tol van Moordrecht (1274). Door zijn huwelijk was hij ook heer van Burcht en Zwijndrecht in Oost Vlaanderen.
  • Graaf Willem III van Holland (1287-1337) werd in 1304 graaf van Henegouwen, hij was de eerste die met de vier leeuwen zegelde, twee rode voor Holland en twee zwarte voor Henegouwen. Hij was van 1304 tot 1310 heer van Schoonhoven.

Terug naar:

Dorpen en Steden

  facebook        

 

© zaterdag 21 oktober 2017