Stamreeks Karel de Grote (XXVIII)

Deze stamreeks loopt via Redburga der Franken, getrouwd met Egbert de Grote, koning van Wessex.
Hun nazaten waren o.a. Alfred de Grote, Margaretha van Engeland, Ada van Schotland, Willem I van Holland, Heren van Borselen en Zevenbergen, de geslachten Verschoor, Verduijn tot Ooms.

1. Karel de Grote
Geboren bij Aix-la-Chapelle op 2 april 748.  afkomstig uit het geslacht der Karolingen, was vanaf 9 oktober 768 koning der Franken en vanaf 25 december 800 keizer van het Westen. Karel was de oudste zoon van de latere koning Pepijn de Korte (Zie Karolingen nr. 5) en Bertrada van Laon (Zie Merovingen nr.12), bijgenaamd “Bertrada met de grote voet”.
Karel werd gedoopt door Bonefacius aartsbisschop van Mainz. Deze kleinzoon van Karel Martel kreeg reeds tijdens zijn leven de bijnaam “de Grote” en geldt sinds de middeleeuwen als een van de belangrijkste heersers van het Westen.
Karel en zijn broer Carloman volgen hun vader Pippijn samen op, waarbij Karel in hoofdzaak Neustrië, Bourgondië en de Provence, en Carloman in hoofdzaak Austrasië krijgen; beiden worden gezalfd op 9 oktober 768, Karel te Noyon en Carloman te Soissons; na de dood van Carloman in 771 en onder het passeren van diens minderjarige zonen, wordt Karel de enige koning der Franken; hij wordt dan wederom gezalfd als zodanig te Corbeny; na een geslaagde veldtocht tegen zijn ex-schoonvader de koning der Longobarden, volgt in 774 zijn proclamatie tot koning der Longobarden; Karel was reeds met zijn vader Pippijn gezalfd tot koning, Saint-Denis 28 juli 754, en tevens door paus Stephanus II verheven tot ‘patricius Romanorum’, maar deze titel voert hij pas na zijn overwinning op de Longobarden; door paus Leo III tot keizer gekroond, Rome 25 december 800; laat dan zijn ‘patricius’-titel vallen; zijn uiteindelijke titulatuur wordt: ‘Karolus serenissimus augustus a Deo coronatus magnus et pacificus imperator Romanum gubernans imperium et per misericordiam Dei rex Francorum et Longobardorum’; zijn (westers) keizerschap wordt in 812 door de Oostromeinse ‘basileus’ Michael I Rhangabe erkend; overleden te Aken 28 januari 814, begraven aldaar (Dom).

Echtgenotes:

  1. Himiltrude (omstreeks 768)
  2. In 769 huwde hij een dochter van de Langobardenkoning Desiderius, die hij in 770, ten laatste begin 771 verstootte. Zij wordt meestal onder de naam Desiderata vermeld (vermoedelijk heette ze in werkelijkheid Gerperga).
  3. In 771 huwde hij voor 30 april Hildegard (de gente Suaborum, 758 – 30 april 783), dochter van graaf Gerold en Imma, een dochter van de Alemaanse dux Hnabi.
  4. Rond oktober 783 huwde hij met Fastrade (- 10 augustus 794, Frankfurt am Main), dochter van (de vermoedelijk Thürings-Mainfrankische) graaf Radulf.
  5. In 794 of de herfst van 796 huwde hij met Luitgarde (- 4 juni 800), een Alemaanse prinses.

Gekende bijvrouwen van Karel de Grote waren:

  1. Madelgarde
  2. Gerswinde
  3. Regina (800)
  4. Addelinde (806)

Bij Hildegard had hij de volgende kinderen:

  • Karel de Jongere (772/773 – 811), vanaf 788 koning in Neustrië
  • Adalhaid/Adalais (september 773/juni 774 – juli/augustus 774, Zuid-Gallië)
  • Rotrudis (ca. 775 – 6 juni 810)[78]
  • Karloman (777 – 8 juli 810), als Pepijn koning van Italië (Volgt Stamreeks Karel de Grote II nr. 2)
  • Lodewijk de Vrome (778 – 840) (Volgt Stamreeks Karel de Grote I nr. 2)
  • Lotharius (juni/augustus 778, Chasseneuil bij Poitiers – 779)
  • Bertha (779/780 – na 14 januari 828) (Volgt Stamreeks Karel de Grote X nr. 2)
  • Gisela (voor mei 781 – na 800)
  • Hildegard (na 8 juni 782 – tussen 1 en 8 juni 783

Bij een onbekende concubine had hij een dochter:

  • Redburga der Franken (Volgt 2)

 

2. Redburga der Franken
Geboren circa 784, overleden 839. Buitenechtelijke dochter van Karel de Grote.
Zij was gehuwd met Egbert de Grote, koning van Wessex (geboren ca. 770 –  overleden Cornwall, juli 839).
Hij was het die de macht van Mercia overwon en van Wessex het dominante AngelSaksische koninkrijk maakte. Hij kreeg de titel ‘Bretwalda’, waarmee door de Angelsaksen een heerser werd aangeduid die macht had over andere heersers. Hij wordt gezien als de eerste koning van Engeland.
Egbert was zoon van Ealhmund, koning van Kent. Na de dood van zijn vader verkeert hij in een onzekere positie en wordt hij door Offa van Mercia en Beorhtric van Wessex in 789 naar het vasteland van Europa verbannen. Daar leeft hij 13 jaar onder bescherming van Karel de Grote. Na het overlijden van Beorhtric in 802, weet Egbert met steun van Karel de Grote en van de paus de troon van Wessex te verwerven.
Kinderen van Redburga en Egbert:
– Ethelwulf (Volgt 3)
– Edith van Polesworth
– Athelstan Van Kent.

 

Æthelwulf

3. Æthelwulf
Ook Ethelwulf of Edelwolv . Geboren circa 800, overleden te Londen op 13 januari 858. Hij was koning van Wessex (839 – 856) en van Kent (825 – 856), Essex en Sussex. Hij was zoon van Egbert van Wessex en Redburga der Franken.
In 825 veroverde hij Kent voor Wessex, en werd daar koning onder het oppergezag van zijn vader. In 839 volgde hij zijn vader op als koning van Wessex, dat in die tijd het gehele zuidelijke kustgebied van Engeland omvatte: van Cornwall tot Essex. Hij werd gekroond in Kingston upon Thames. Al snel gaf hij het bestuur over het oostelijk deel van zijn rijk aan zijn oudste zoon Æthelstan en huwt zijn nog erg jonge dochter met de koning van Mercia.
Ethelwulf bereikt in 850 een akkoord over een grensgeschil met Mercia. Daarna wordt hij geconfronteerd met een inval van de Vikingen onder Rorik van Duurstede, die Canterbury en Londen wisten te veroveren en daarna Mercia versloegen. Ethelwulf versloeg de Vikingen in 851 bij Oakly of Ockly. Hij moest wel toestaan de East Anglia onder controle van de Vikingen bleef. Ook versloeg hij in 853, samen met Mercia, Cyngen ap Cadell van Wales.
In 853 stuurde hij zijn jongste zoon Alfred, die zes jaar oud was en vermoedelijk was voorbestemd voor een geestelijk ambt, naar Rome. In 855 (vermoedelijk na het overlijden van zijn vrouw) ging hij ook zelf naar Rome en deed kostbare schenkingen aan de kerk, o.a. gouden kelken en vergulde zilveren kandelaars aan de St. Pieter en erkende ook de opperheerschappij van de paus. Na zijn terugkeer in 856 werd hij geconfronteerd door zijn zoons die tijdens zijn afwezigheid hadden geregeerd en steun hadden van de adel en de geestelijkheid. Ethelwulf koos voor onderhandelingen en er werd een compromis bereikt waarbij de macht werd gedeeld. Begin 858 overleed hij in Londen.
Ethelwulf overleed in Londen maar werd begraven in Steyning (Sussex). In de kerk daar is zijn vermoedelijke grafsteen nog te zien. Het graf werd echter verplaatst naar de Old Minster in Winchester en toen die werd afgebroken, werden zijn resten verplaatst naar de huidige kathedraal van Winchester.

Van Ethelwulf zijn twee huwelijken gedocumenteerd maar er wordt aangenomen dat hij drie keer getrouwd is geweest en ook nog een minnares heeft gehad. Anders zijn leeftijdsverschillen tussen zijn kinderen en de manier waarop hun onderlinge verhouding wordt beschreven, niet te verklaren.
Bij zijn eerste veronderstelde vrouw had hij een zoon:

  • Æthelstan

Bij zijn tweede vrouw Osburga (circa 810 – circa 855), dochter van Oslac van Wight kreeg hij de volgende kinderen:

  • Ethelbald (ca. 834 – 860)
  • Ethelswith (ovl. Pavia, 888). Vermoedelijk als jong meisje uitgehuwelijkt aan koning Burghred van Mercia. Overleden op weg naar Rome.
  • Ethelred (ca. 837 – 871)
  • Alfred de Grote (848 of 849 – 899) (Volgt 4)
  • Osweald, (ovl. ca. 875), alleen bekend als getuige uit enkele aktes.

Zijn derde vrouw was Judith van West-Francië een dochter van Karel de Kale, die op 1 oktober 856 te Verberie-sur-Oise, 12 jaar oud, met de toen bijna 60-jarige Ethelwulf trouwde. Zij hadden geen kinderen. Volgens Frankisch gebruik werd ze “koningin” genoemd in plaats van “vrouw van de koning” wat onder de Angelsaksen gebruikelijk was. Deze meer formele status leidde tot veel weerstand onder de adel. Na de spoedige dood van Ethelwulf, nam diens oudste zoon Ethelbald haar tot vrouw. Ook dit huwelijk bleef zonder kinderen en werd later ongeldig verklaard wegens (aangetrouwde) bloedverwantschap. Judith werd teruggezonden naar haar vader en werd uiteindelijk van zijn hof geschaakt door Boudewijn I van Vlaanderen die later met haar trouwde.

Bij een minnares had Ethelwulf een zoon:

  • Ethelbert (ca. 835 – 866). Kon na de dood van Ethelbald koning worden, vermoedelijk omdat de overgebleven wettige zoons nog te jong waren.

 

Alfred de Grote

4. Alfred de Grote
Geboren te Wantage (Oxfordshire) rond 848, overleden te Winchester op 26 oktober 899. Hij was een zoon van Ethelwulf, koning van Wessex en van Osburga van Wight.

Alfred was koning van Wessex van 871 tot 899.  Alfred staat bekend voor zijn verdediging van de Angelsaksische koninkrijken van Zuid-Engeland tegen de Denen. Zo werd hij de enige Engelse vorst die nog steeds het epitheton “de Grote” wordt toegekend. Alfred was de eerste koning van Wessex die zichzelf de “koning van de Angelsaksen” noemde.

Alfred trouwde in 868 te Winchester met Ealhswith van de Gaini (overleden te Winchester, 5 of 8 december 905). Ealhswith stichtte de Maria-abdij in Winchester en werd daar na de dood van haar man non. Zij is daar begraven en later herbegraven in de kathedraal van Winchester. Zij was dochter van Aethelred Mucil, ealdorman van Gainis in Mercia, en Eadburga uit het koningsgeslacht van Mercia.
Zij en Alfred kregen de volgende kinderen:

  • Æthelflæd, getrouwd met Æthelred, ealdorman van Mercia en (na zijn dood) heerseres van Mercia (911–918)(Volgt Koningen van Engeland nr. 15a)
  • Eadmund, jong overleden
  • Eduard de Oudere (± 875-924) (Volgt 5)
  • Elfreda
  • Aethelgiva, non en vanaf 888 abdis van de abdij van Shaftesbury, daar ca. 896 overleden en begraven
  • Ælfthryth van Wessex, gehuwd met Boudewijn II van Vlaanderen (Volgt Graven van Vlaanderen nr. 2)
  • Aethelward (ca. 880 – 16 oktober 922, begraven in de kathedraal van Winchester). Vader van Turketul, kanselier van koning Athelstan van Engeland, en van Aelfwin en Aethelwin die voor Athelstan vochten en sneuvelden in de slag bij Brunanburh in 937.

Eduard de Oudere

5. Eduard de Oudere
(Oudengels: Ēadweard se Ieldra) Geboren te  Wantage circa 875, overleden te  Farndon op 17 juli 924.
Hij was een Engelse koning. Hij werd koning in 899 na de dood van zijn vader, Alfred de Grote. Zijn hof was in Winchester, voorheen de hoofdstad van Wessex. Hij veroverde de oostelijke Midlands en East Anglia op de Denen in 917 en werd heerser van Mercia in 918 na de dood van Æthelflæd, zijn zus. Al zijn oorkonden, op twee na, gaven zijn titel weer als “koning van de Angelsaksen” (Anglorum Saxonum rex). Hij was de tweede koning van de Angelsaksen omdat deze titel gecreëerd werd door Alfred. Op de munten van Eduard staat “EADVVEARD REX”. De kroniekschrijvers schreven dat heel Engeland “Eduard accepteerde als koning” in 920. Maar het feit dat York zijn eigen munten bleef maken doet vermoeden dat de autoriteit van Eduard niet werd geaccepteerd in het door de Vikingen geregeerde Northumbria. Eduards eponiem “de Oudere” werd voor het eerst gebruikt door Wulfstan in zijn werk Life of St Æthelwold (tiende eeuw) om hem te onderscheiden van de latere koning Eduard de Martelaar.

Edward was een zoon van Alfred de Grote en Ealhswith van de Gaini (852 – Winchester, 5 december 905). Edward was drie keer getrouwd:

Circa 893 trouwde 1e hij met Egwyna (-ca. 901) van onbekende herkomst. Volgens sommige bronnen was zij een concubine van eenvoudige komaf maar haar kinderen kregen de koninklijke voornamen en worden in aktes voor Edwards kinderen uit andere huwelijken genoemd, en een van haar zoons zou na Edward nog koning worden. Daarmee is het zeer aannemelijk dat de relatie tussen Edward en Egwyna een wettig huwelijk was.
Zij kregen de volgende kinderen:

  • Aelfred (ca. 893 – ca. 901
  • Aethelstan, koning als opvolger van zijn vader
  • Eadgyth, trouwde op 30 januari 926 te Tamworth met Sithric, koning van de Denen in York. Na zijn dood in 927 werd ze non in de abdij van Polesworth en daarna abdis van Tamworth, waar ze is begraven. Ze werd heilig verklaard, haar feestdag is op 15 of 19 juli.

Circa  trouwde Edward met Aelflaed (878 – 920), dochter van Aethelhelm van Bernicia (ca. 859 – 12 juni 897). Aethelhelm was een belangrijke hoveling van Alfred de Grote, ealdorman van Wiltshire die in 887 gezant was van Alfred naar Rome, in 892 land van Alfred ontving bij North Newnton en in 893 samen met andere graven de Denen versloeg bij Buttingdon aan de Severn. Edward en Aelflaed kregen de volgende kinderen:

  • Edfleda, non, begraven in de abdij van Wilton
  • Aethelfleda, non, begraven in de abdij van Romsey
  • Eadgifu (Hedwig van Wessex), getrouwd met Karel de Eenvoudige (Volgt Stamreeks Karel de Grote I nr. 5) en met Herbert III van Vermandois (Volgt Graven van Vermandois nr. 5).
  • Ethelweard (- Oxford, 9 augustus 924), overleed 16 dagen na zijn vader, begraven in Winchester
  • Eadwine (- 933), vermoedelijk in opstand tegen Aethelstan en verdronken op de vlucht naar Vlaanderen. Begraven in de abdij van Sint-Bertinus.
  • Aethelhild, non, begraven in de abdij van Wilton
  • Eadhild (- 937), trouwde ca. 926 met Hugo de Grote (Volgt Karel de Grote V nr. 7)
  • Eadgyth (Editha van Wessex), 929 getrouwd met Otto I de Grote.
  • Aelgifu, vermoedelijk getrouwd met Boleslav II van Bohemen. Bekend is dat Aethelstan Eadgyth en Aelgifu naar Otto had gestuurd om een bruid te kiezen. Otto koos Eadgyth en vond ook een passende echtgenoot voor Aelgifu. Algemeen wordt Boleslav als die echtgenoot gezien maar die was nog maar een klein kind toen beide zusters naar Duitsland kwamen. Ook Lodewijk, graaf van de Thurgau wordt genoemd als haar echtgenoot.

Circa 920 trouwde Edward met Eadgifu (- 26 augustus 968), dochter van Sigihelm, heer van Meopham, Cooling en Lenham, in Kent. In 957 nam haar kleinzoon Edgar van Engeland haar bezittingen af. Eadgifu werd begraven in dekathedraal van Canterbury. Edward en Eadgifu kregen de volgende kinderen:

  • Edmund I van Engeland (Volgt 6)
  • Edburga van Winchester
  • Eadgifu, getrouwd met een vorst uit Aquitanië
  • Edred, koning als opvolger van Edmund

 

Edmund I van Engeland

6. Edmund (of EdmondI (922 – Pucklechurch (South Gloucestershire), 26 mei 946), bijgenaamd de Geweldige of de Oudere, was koning van Engeland van 939 tot 946. Hij was een zoon van Eduard de Oudere en halfbroer van zijn voorganger Athelstan.

Edmund moest al snel na zijn aantreden het hoofd bieden aan militaire dreigingen. Koning Olaf I van Dublin veroverde Northumbria en viel de Midlands binnen. Na Olafs dood in 942 heroverde Edmund het gebied. Ook onderdrukte hij opstanden van de Denen in Mercia. De Deense aanvoerder Olaf van York werd in 942 zijn peetzoon, en bleef Edmunds bondgenoot toen hij koning van Dublin werd. In 945 veroverde Edmund Strathclyde en gaf dit gebied aan Malcolm I van Schotland, in ruil voor zijn steun. Rond deze tijd probeerde hij ook de vrijlating van zijn neef Lodewijk IV van Frankrijk te bewerkstelligen, die door opstandige leenmannen gevangen was genomen. Edmunds pogingen en dreigementen maakten echter weinig indruk.

Edmund werd gedood tijdens een feest in zijn eigen verblijf door Leofa, een verbannen misdadiger, die bij het gevecht ook het leven liet. Edmund werd begraven in de abdij van Glastonbury. Hij werd opgevolgd door zijn broer Edred.
Edmund had twee bekende partners:
Zijn eerste partner Ælgifu (ca. 925 – na 943), dochter van Wynflæd, vrijwel zeker geen wettige echtgenote. Zij is begraven in de abdij van Shaftesbury en wordt vereerd als Sint Elgiva omdat ze gevangenen bezocht, kleding weggaf en lichamelijk lijden onderging. Haar feestdag is op 18 mei. Edmund en Ælgifu kregen twee zoons:

  • Edwy, koning van 955 tot 959
  • Edgar, koning van Engeland van 959 tot 975 (Volgt 7)

Zijn tweede partner Æthelflæd van Damerham (ovl. abdij van Shaftesbury, na 975), dochter van de ealdorman Ælfgar. Zij wordt in 943 vermeld als koningin als Edmund haar land schenkt in Hampshire en Dorset. Na de dood van Edmund werd ze non in de abdij van Shaftesbury, waar ze ook is begraven. Ze kregen geen kinderen.

 

 

Edgar

Edgar

7. Edgar (ca. 942 – Winchester, 8 juli 975), de Vreedzame, was koning van Engeland van 959 tot 975.
Edgar verwierf in 957, door de steun van aartsbisschop Odo, de macht in Engeland ten noorden van de Theems, ten koste van zijn broer koning Edwy. Hij volgde zijn broer officieel op na diens dood in 959, waarmee de eenheid van het rijk werd hersteld. Hij begunstigde de kloosters en benoemde nieuwe bisschoppen. Hij verplichtte de, in zijn opdracht door Æthelwold van Winchester in het Engels vertaalde, regel van Benedictus in de kloosters en liet in de kathedraalkapittels de kanunniken vervangen door monniken. Hij haalde de later heilig verklaarde Dunstan terug uit zijn ballingschap en maakte hem aartsbisschop van Canterbury. De Denen in de Danelaw kregen van hem een verregaande autonomie. Edgar hervormde het muntwezen en introduceerde een systeem om de kwaliteit van munten te bewaken.

Edgar ontvoerde de abdis Wulfthryth van Wilton en kreeg met haar een dochter. Volgens de overlevering leidde dit tot conflict met de geestelijkheid waardoor Edgar pas laat werd gekroond. De kroning tot keizer vond uiteindelijk toch plaats in 973 in Bath. Deze door Dunstan ontworpen plechtigheid waarbij de Aartsbisschop van Canterbury de kroning en zalving verrichtte vormde de basis voor de kroning van de Engelse koningen sindsdien. Edgar liet zich “Imperator” noemen.
Na zijn kroning werd Edgar door koningen in Wales en Schotland (in naam) als heer erkend tijdens een bijeenkomst in Chester, waar ze hem steun op land en ter zee beloofden. Edgar kreeg zijn bijnaam niet aan zijn instelling maar aan de opmerkelijke afwezigheid van oorlogen en Vikingaanvallen tijdens zijn bewind. Hij werd begraven in de abdij van Glastonbury.

Edgar was de jongste zoon van koning Edmund I en diens vrouw Elgiva. Met Wulfthryth kreeg hij een dochter Eadgifu. Ca. 963 trouwde hij met Æthelflæd, dochter van Ealdorman Ordmar van Devon en zijn vrouw Ealda. Hun zoon was Eduard, Edgars opvolger. Vermoedelijk heeft Edgar haar in 965 verstoten om te kunnen trouwen met Ælfthryth, dochter van Ordgar.
Ælfthryth (Lydford, ca. 945 – abdij van Wherwell, ca. 1000) was beroemd om haar schoonheid en Edgar stuurde Aethelwald, ealdorman van East Anglia, om haar namens hem ten huwelijk te vragen als ze inderdaad zo mooi zou zijn als ze volgens de geruchten was. Aethelwald werd zelf verliefd op haar, trouwde met haar en zei tegen Edgar dat ze in werkelijkheid helemaal niet mooi was. Edgar vertrouwde hem niet en besloot haar te bezoeken. Aethelwald zei Ælfthryth zich zo lelijk mogelijk te maken maar zij maakte zich juist zo mooi mogelijk. Korte tijd later doodde Edgar Aethelwald tijdens de jacht en trouwde met Ælfthryth. In 973 werd Ælfthryth de eerste gemalin van de koning die tot koningin van Engeland werd gekroond. Edgar en Ælfthryth kregen de volgende kinderen:

  • Edmund (ovl. 970), begraven in de abdij van Romsey.
  • Ethelred II (Volgt 8)

 

 

Ethelred II

Ethelred II

8. Ethelred II de Onberadene
(Oudengels: Æþelred). Geboren circa 968, overleden te Londen op 23 april 1016.
Hij was van 978 tot 1013 en van 1014 tot 1016 koning van Engeland. Zoon van Edgar van Engeland en Ælfthryth

Volgens de geschiedschrijver William van Malmesbury ontlastte Ethelred zich als baby in de doopvont. Naar aanleiding hiervan voorspelde St.-Dunstan dat de Engelse monarchie onder Ethelreds bewind zou worden omvergeworpen.

Na de dood van zijn vader Edgar van Engeland in 975 wilde een belangrijke fractie Ethelred tot koning kronen hoewel zijn halfbroer Edward weliswaar ouder was, maar was geboren uit een moeder van nederige afkomst. Bovendien had die last van driftbuien die hem minder geschikt maakten als koning. Toch werd Edward gekroond. Edward werd in 978 vermoord door hovelingen van Ethelred toen hij op bezoek was bij Ethelred en diens moeder in Corfe Castle. De opvolging door Ethelred was daardoor omstreden. Hij werd gekroond in Kingston upon Thames. De hal waar de Witenagemot ter gelegenheid van de kroning bijeen kwam, stortte in en Ethelred verloor daardoor aan het begin van zijn regering direct een aantal belangrijke raadgevers. Zijn bijnaam the Unready, wat zonder raad betekent, zou daarnaar kunnen verwijzen. Het is tevens een woordspeling op zijn naam, die goed geadviseerd betekent. De bijnaam wordt overigens pas rond 1180 voor het eerst vermeld, dus hij zegt weinig over Ethelreds karakter.

Hij had uit diverse relaties meerdere kinderen, waarvan drie belangrijk zijn, uit eerste huwelijk met Aelfgiva:

  • Aethelstan (ca. 986 – na 25 juni 1014), kroonprins, gesneuveld tegen de Denen voor het overlijden van zijn vader.
  • Edmund II van Engeland (Volgt 9).

Uit een huwelijk met Emma van Normandië:

  • Eduard(III) de Belijder (Engels: Edward the Confessor) (Islip (Oxfordshire), ca. 1004 – Londen, 4 januari 1066) was de voorlaatste Angelsaksische koning van Engeland. Hij regeerde van 8 juni 1042 tot 4 januari 1066.

 

Edmund II

Edmund II

9. Edmund (of EdmondII Ironside  koning van Engeland
Geboren in Wessex, circa 990, overleden te Londen op 30 november 1016. Hij was de zoon van koning Ethelred II.

Na de dood van zijn oudere broer Aethelstan in 1014, kwam Edmund in conflict met zijn vader. Ethelred liet in 1015 twee van Edmunds bondgenoten vermoorden. Een van de slachtoffers was Sigeferth en Ethelred liet zijn weduwe in een abdij opsluiten. Edmund bevrijdde de weduwe en trouwde met haar. Samen met Uhtred van Northumbria bereidde Edmund een opstand voor maar de inval van Knoet de Grote in 1016 gooide alle plannen in de war. Uhtred onderwierp zich aan Knoet en Edmund verzoende zich met zijn vader.

In 1016 overleed de zieke Ethelred en werd Edmund in Londen tot koning gekozen. Edmund wist Knoets troepen van Londen te verdrijven maar werd op 18 oktober vernietigend verslagen in de slag bij Ashingdon. Edmund sloot een overeenkomst met Knoet dat Edmund Wessex zou besturen en Knoet de rest van het land, waarbij de Theems de grens vormde. Het verdrag bepaalde dat als een van beiden zou sterven, de ander geheel Engeland zou erven. Edmund stierf nog in 1016 en werd begraven in de abdij van Glastonbury. Knoet de Grote volgde hem zoals afgesproken op.

Edmund trouwde in 1015 met Ealdgyth Morcarsdotter.
Zij kregen twee zoons:

  • Edmund
  • Edward Ætheling (Volgt 10)

De kinderen werden in 1016 door Knoet naar Zweden gezonden om daar te worden gedood. Koning Olof II van Zweden stuurde ze echter naar Kiev, met Andreas I van Hongarije zouden ze in 1046 naar Hongarije zijn getrokken. Edmund zou daar zijn overleden.

 

Edward Ætheling

10.  Edward Ætheling (of Edward de Banneling)
Geboren in 1016, overleden te Londen op 19 april 1057. Hij was de zoon van de Engelse koning Edmund Ironside en Ealdgyth.
Hij kreeg de bijnaam de “Banneling”, omdat hij het grootste deel van zijn leven buiten Engeland doorbracht. De bijnaam “Ætheling” droeg hij als zoon van een koning.

Edward was pas een paar maanden oud toen hij door Knoet de Grote naar Denemarken werd gebracht. Vanuit Denemarken belandde hij in Kiev en vandaar in Hongarije, waar hij in het huwelijk trad met Agatha, een dochter van Stefanus I van Hongarije. Toen Edward de Belijder hoorde dat Edward Ætheling nog leefde, riep hij hem naar Engeland terug om hem tot zijn erfgenaam te benoemen. Edward de Banneling stierf echter voordat hij de koning had kunnen spreken, binnen een paar dagen na terugkomst in Engeland – vermoedelijk is hij vermoord. Hierdoor ontstond er alsnog een opvolgingsstrijd, die uiteindelijk in de Normandische verovering van Engeland zou uitmonden. Edward is begraven in St Paul’s Cathedral (Londen).

Edwards vrouw Agatha was een dochter van koning Stefanus I van Hongarije en Gisela van Beieren.
Hun kinderen waren:

  • Edgar Ætheling
  • Margaretha van Engeland (Volgt 11)
  • Christina, de tante en opvoedster van de latere Engelse koningin Edith van Schotland.

 

Margaretha van Engeland

11. Margaretha van Engeland
Zij is geboren omstreeks 1045 te Rékaburcht bij Mecseknádasd in Hongarije, overeleden op 16 november 1093 te Edinburgh (Schotland).
Zij was een dochter van Edward Ætheling en de zuster van Edgar Ætheling, ongekroond Angelsaksisch koning.
Haar moeder was Agatha, een dochter van koning Stefanus I van Hongarije en Gisela van Beieren.
Margaretha was gehuwd met Malcolm III, Schots-Gaelisch: Maol Chaluim mac Dhonnchaidh (?, ca. 1031 – Alnwick, 13 november 1093), bijgenaamd Canmore (groot hoofd, grote baas), was Koning van Schotland van 1058 tot en met 1093.
Margaretha overleed door ziekte drie dagen na haar echtgenoot, die omkwam bij een inval in Engeland. In 1250 werd zij heilig verklaard door paus Innocentius IV, niet alleen voor haar invloed op de hervorming van de kerk en de ondersteuning van de kloosterordes, maar ook omdat ze persoonlijk voedsel aan de armen gaf voordat ze zelf at en iedere nacht om middernacht een mis bijwoonde. In 1673 werd ze de beschermheilige van Schotland. Zij werd begraven in Dunfermline Abbey, vanaf 19 juni 1250 in een speciale kapel die bekend werd onder de naam St Margaret’s Chapel. In 1597 is ze samen met haar man herbegraven in het Escorial.
Malcolm en Margaretha kregen de volgende kinderen:

  • Eduard, vermoord te Alnwick Castle op 13 november 1093
  • Edmund, koning van Schotland
  • Edgar van Schotland 1074 – 1107
  • Alexander  ± 1078 – 1124
  • Ethelred, lekenabt van Dunkeld
  • Edith (Mathilde) 1080 – 1118. Gehuwd met Hendrik I van Engeland, de jongste zoon van Willem de Veroveraar en Mathilde van Vlaanderen
  • David van Schotland, ca 1084 – 1153 (Volgt 12)
  • Maria  1082 – 1116. Gehuwd met Eustaas III van Boulogne
DavidISchotland

David “de Heilige” van Schotland

12. David I van Schotland
(Schots-Gaelisch: Daibhidh I of Dabíd mac Maíl Choluim )
Geboren circa 1084 in Schotland, overleden te Carlisle op 24 mei 1153.
Hij was Koning van Schotland 1124-1153. David was een zoon van Malcolm III en Margaretha van Engeland. Hij is ook bekend onder de naam David de Heilige.
Na het overlijden van zijn vader (1093) werden David en twee van zijn broers naar Engeland verbannen. In 1097 werd zijn oudere broer Edgar met Engelse steun koning van Schotland. David ging toen vermoedelijk weer in Schotland wonen. Nadat Hendrik I van Engelandde koningstitel van Engeland had verworven en trouwde met een zuster van David, keerde David weer terug naar Engeland en werd een hoveling van Hendrik. Toen Edgar in 1107 overleed verdeelde hij Schotland tussen zijn broers Alexander I van Schotland en David. Alexander kreeg de koningstitel en David kreeg het bestuur over de gebieden ten zuiden van de rivieren Fife en Clyde, en noemde zich “prins van Cumbria“. In 1113 trouwde hij met Mathilde van Huntingdon, uit het huis Northumbrië. Zij was ongeveer 10 jaar ouder en weduwe, maar ze had wel aanspraken op het earldom Huntingdon dat grote bezittingen in het noorden van Engeland en het zuiden van Schotland omvatte. David stichtte dat jaar de abdij van Selkirk. In 1024 overleed Alexander. Zijn onwettige zoon Malcolm probeerde koning te worden maar David versloeg hem in twee veldslagen, met Engelse hulp. David had weinig zin in de traditionele kroning op de Stone of Scone en kon slechts met grote moeite door de bisschoppen worden overgehaald om mee te werken. David kreeg nooit veel gezag in het noorden van Schotland en verkeerde meestal als hoveling in Engeland of Normandië.
Na het overlijden van zijn vader (1093) werden David en twee van zijn broers naar Engeland verbannen. In 1097 werd zijn oudere broer Edgar met Engelse steun koning van Schotland. David ging toen vermoedelijk weer in Schotland wonen. Nadat Hendrik I van Engeland de koningstitel van Engeland had verworven en trouwde met een zuster van David, keerde David weer terug naar Engeland en werd een hoveling van Hendrik. Toen Edgar in 1107 overleed verdeelde hij Schotland tussen zijn broers Alexander I van Schotland en David. Alexander kreeg de koningstitel en David kreeg het bestuur over de gebieden ten zuiden van de rivieren Fife en Clyde, en noemde zich “prins van Cumbria“. In 1113 trouwde hij met Mathilde van Huntingdon. Zij was ongeveer 10 jaar ouder en weduwe, maar ze had wel aanspraken op het earldom Huntingdon dat grote bezittingen in het noorden van Engeland en het zuiden van Schotland omvatte. David stichtte dat jaar de abdij van Selkirk. In 1024 overleed Alexander. Zijn onwettige zoon Malcolm probeerde koning te worden maar David versloeg hem in twee veldslagen, met Engelse hulp. David had weinig zin in de traditionele kroning op de Stone of Scone en kon slechts met grote moeite door de bisschoppen worden overgehaald om mee te werken. David kreeg nooit veel gezag in het noorden van Schotland en verkeerde meestal als hoveling in Engeland of Normandië.
David was de eerste Engelse edelman die in 1127 de eed aflegde om de troonaanspraken van Mathilde van Engeland te ondersteunen. Zijn neef Malcolm kwam in 1130 weer in opstand maar werd door Davids edelen verslagen. In 1134 wist David met Engelse steun de opstand definitief te onderdrukken. Hij nam Malcolm gevangen en sloot hem op in Roxburgh. In 1135 greep Stefanus van Engeland de macht in Engeland ten koste van de rechtmatige opvolger Mathilde. David had gezworen om Mathilde te helpen en kon zijn verplichting nu goed met zijn eigenbelang verenigen: Hij viel Engeland binnen en kreeg uiteindelijk van Stephen bij het verdrag van Durham (Engeland), Carlisle (Engeland) en andere gebieden in het noorden van Engeland. In 1136 stichtte hij priorij van Urquhart en in 1137 Melrose Abbey. Zijn pogingen om zijn macht uit te breiden over het noorden van Schotland werden gedwarsboomd door Noorwegen.In 1137 werd Davids zoon Hendrik van Schotland beledigd aan het Engelse hof en de zaak werd niet naar tevredenheid geregeld. Voor David was dat aanleiding om opnieuw oorlog te voeren tegen Engeland. Het Schotse leger trok plunderend door Engeland en versloeg een Engels leger bij Clitheroe. Het Schotse leger werd echter verslagen in de slag van de Standaard. Hierna werd het tweede verdrag van Durham gesloten waarbij David Carlisle en Cumbria behield, terwijl Hendrik de titels van Huntingdon en Doncaster terug kreeg, en bovendien werd benoemd tot earl van Northumberland. Toen Mathilde ook nog Engeland binnenviel, wist David zijn macht uit te breiden tot de rivieren Tyne en Ribble. Het lukte hem echter niet de bisschoppen van Durham en York door zijn eigen kandidaten te vervangen. In 1152 overleed Hendrik en benoemde David zijn kleinzoon Malcolm tot opvolger in Schotland en diens broer Willem tot erfgenaam van zijn Engelse bezittingen en titels.
David en Mathilde kregen de volgende kinderen:

  • Malcolm, op jonge leeftijd vermoord door een klerk
  • Hendrik van Schotland 1115 – 1152 (Volgt 13)
  • Claricia, jong overleden
  • Hodierna, jong overleden
  • onbekend kind, ouder van een dochter Ela, gehuwd met Duncan MacDuff earl van Fife

 

Huntingdon

Huntingdon

13. Hendrik van Schotland
Geboren rond 1114, overleden op 12 juni 1152. Hij was prins van Schotland en graaf van Huntingdon. Hij was een zoon van David I van Schotland en Maud (Mathilde) van Huntingdon.

Na de dood van zijn oudere broer Malcolm werd hij troonopvolger van Schotland en rond 1130 volgde hij zijn moeder op als 3e graaf van Huntingdon. Samen met zijn vader verwierf hij grote bezittingen en rechten in het noorden van Engeland tijdens de eerste jaren van de Anarchie (Engeland). In 1149 was hij aanwezig toen Hendrik II van Engeland tot ridder werd geslagen, in 1150 stichtte hij Holmcultram Abbey (Holme Abbey).
Hendrik stierf in 1152, een jaar voor zijn vader, en werd begraven in Kelso Abbey in Roxburghsire.
In 1139 huwde Hendrik met Ada de Warenne. Geboren omstreeks 1125, overleden 1178. Dochter van Willem II van Warenne, 2e graaf van Surrey. Zij kregen de volgende kinderen:

  • Malcolm, koning van Schotland
  • Willem, koning van Schotland
  • Margaretha ± 1145 – 1201
  • David, graaf van Huntingdon
  • Ada van Schotland (Volgt 14)
  • Mathilde …. – 1152

 

 

Wapen van Schotland

14. Ada van Schotland of Ada van Huntingdon
Geboren circa 1145, overleden in 1204. Zij was prinses van Schotland en gravin van Holland.
Zij was een dochter van Hendrik van Schotland, 3e graaf van Huntingdon en Ada van Warenne. Zij was zuster van de koningen Malcolm IV en William I van Schotland.
Op 28 augustus 1162 trouwde zij met graaf Floris III van Holland (1140 – 1190). Hij was een zoon van graaf Dirk VI van Holland (Zie Graven van Holland I nr. 9a) en Sophia van Rheineck.

Hij kreeg daarbij de titel earl van Ross, die later niet erfelijk bleek. Ook zou Floris zijn wapen hebben gebaseerd op het wapen van Schotland.
Zij kregen de volgende kinderen:

  • Dirk VII, opvolger van zijn vader
  • Willem I van Holland (Volgt 15)
  • Floris, geestelijke
  • Hendrik
  • Boudewijn (ovl. 19 juli 1204)
  • Robert
  • Beatrix
  • Elisabeth
  • Ada  1163 – 1205. (Volgt Graven van Holland XIV-10) Zij huwde met Otto I van Brandenburg.
  • Mechteld 1167 –  (Volgt Graven van Holland XII-10). Zij was gehuwd met Arnold van Berg-Altena.
  • Margaretha van Holland  1167 – > 1203 (Volgt Graven van Holland XII-10  Zij was gehuwd met Diederik IV van Kleef (± 1165 – 1198).
  • Hedwig   begraven te Haarlem
  • Agnes  …. – 1228   abdis de abdij van Rijnsburg.

 

Willem I van Holland

Willem I van Holland

15. Willem I
Geboren circa 1175, overleden 4 februari 1222. Hij was graaf van Holland.  Hij was de tweede zoon van graaf Floris III en Ada van Schotland en hij bracht zijn jeugd door bij de familie van zijn moeder in Schotland. In 1189 begeleidde Willem zijn vader bij de Derde Kruistocht. Zijn vader overleed in 1190 tijdens de kruistocht en zelf werd Willem tijdens zijn terugtocht in Frankrijk gevangengenomen. Hij keerde in 1191 in Holland terug en raakte in onmin met zijn oudere broer Dirk VII die zijn vader Floris III als graaf van Holland was opgevolgd. Willem zocht daarom steun bij de opstandige Friezen. Omdat Dirk op dat moment niet weg kon uit Zeeland stuurde hij zijn vrouw Aleid met een leger naar West-Friesland. In november 1195 kwam het tot een treffen tussen Aleid en haar zwager Willem. Aleid wist het treffen naar haar hand te zetten door de leiders van Niedorp en Winkel om te kopen. Uiteindelijk werd de ruzie tussen beide broers bijgelegd, en kreeg Willem het bestuur over het graafschap Midden-Friesland.

Hendrik de Kraan, heer van Kuinre, hield plundertochten in Midden-Friesland. Willem nam wraak en vernietigde de Kuinderburcht. Hendrik was leenman van Dirk van Holland, bisschop van Utrecht en oom van Willem en Dirk VII. Dirk VII koos in dit conflict de kant van zijn oom en liet Willem door Hendrik van Kuinre gevangennemen. Willem ontsnapte echter en vluchtte naar Otto I van Gelre, een tegenstander van Dirk VII. In 1197 trouwde Willem te Stavoren met Aleid van Gelre, de dochter van zijn gastheer.
Dirk VII overleed in 1203. Zijn dochter Ada was zijn enige erfgenaam. Zijn weduwe Aleid liet haar onmiddellijk trouwen met Lodewijk II van Loon. Willem maakte ook aanspraken op de opvolging in Holland en zo ontstond de Loonse oorlog. In het begin had Willem de overhand en wist hij Ada gevangen te nemen en Lodewijk en Aleid te verjagen uit Holland. Hij zond Ada naar koning Jan zonder Land van Engeland, ter bewaring.
Lodewijk vormde in 1204 een sterk bondgenootschap met de bisschoppen van Utrecht en Luik, en de graven van Vlaanderen, Namen, Ahr en Berg. Met deze steun kon Lodewijk bijna het gehele graafschap Holland terug veroveren. Maar het lukte Lodewijk niet om zijn bondgenoten te behouden en in 1205 en 1206 kon Willem stukje bij beetje zijn verloren gebieden weer terugwinnen. In 1206 werd een vrede gesloten waarbij Holland werd verdeeld: Willem kreeg Zeeland en het zuidelijke deel van Holland (met name de Groote of Hollandsche Waard), en Lodewijk kreeg het noordelijk deel Holland – de rivier de Maas vormde vermoedelijk de grens. In de praktijk kreeg Willem het snel voor het zeggen in het hele graafschap Holland en heeft Lodewijk geen poging meer ondernomen om hier iets aan te veranderen. In 1213 erkende keizer Otto IV van Brunswijk Willem als graaf van geheel Holland.
Willem I huwde in 1197 te Stavoren met Aleid van Gelre, dochter van Otto I van Gelre (Zie Graven van Gelre nr. 7). Uit dit huwelijk werden vijf kinderen geboren:

Willem huwde voor een tweede maal met Maria van Brabant, weduwe van Duitse keizer Otto IV. Dit tweede huwelijk is kinderloos gebleven.
Verder had Willem nog een buitenechtelijke dochter bij Jutta van Pumbeke:

  • Jutta van Holland  (Volgt 16)

 

Wapen van Holland

16. Jutta van Holland
Geboren  circa 1182. Zij was een buitenechtelijke dochter van Graaf Willem I van Holland en Jutta van Pumbeke,  dochter van Hugo van Beveren, heer van Pumbeke.
Zij was gehuwd met Nicolaas I van Borselen, ridder, heer van Borselen. Zoon van Hendrik Wiszo van Borselen en N.N. (geboren ± 1180, overleden vóór 1263).
Kinderen:

  • Peter van Borselen (Volgt  17)
  • Hendrik Wisse van Borselen, geboren ±1212, overleden 1266/71
    trouwt met Clarissa van Gavere, dochter van Jan Mularts van Gavere en Elisabeth van Axel, geboren ±1214
  • NN (dochter) van Borselen, geboren ±1214

 

Wapen van Borselen

17. Peter van Borselen
Geboren rond 1210 te Borselen, overleden circa 1278.
Ridder, heer van Borselen, Goes en Kloetinge. Zoon van Nicolaas I van Borselen en Jutta van Holland.
Hij was gehuwd met Hadewig van Cruiningen, dochter van Godfried van Cruiningen en Oda van Pumbeke.
Kinderen:

  • Jutta van Borselen (Volgt Heren van Borselen nr. 4a)
  • Florys van Borssele, heer van Borselen, Goes en Kloetinge
  • Oda van Borselen (Volgt 18)

 

18. Oda van Borselen
Geboren in 1255, overleden november 1294. Dochter van Peter van Borselen en Hadewich van Cruijningen.
Zij was gehuwd met  Willem  IV van Strijen, heer van Strijen. Geboren in het jaar 1255, overleden november 1294. Zoon van Willem III van Strijen en Aleid van Helpenstein (van Heemskerk).
Kinderen:

  • Hadewy van Strijen  1275 – ….
  • Willem van der Weede (uten wairde)  1280-1321
  • Hygheman Willemssone II (Hugeman) van Zevenbergen 1289 – …. (Volgt 19)
  • Aleydis van Strijen  1275-1316 (Volgt Heren van Strijen nr. 7d)
  • Willemsdr van Strijen
  • Hedwig van Strijen

 

Wapen van Zevenbergen

19. Hygheman Willemssone II (Hugeman) van Zevenbergen.
Geboren in 1289. Heer van Zevenbergen en Gageldonck. Zoon van Willem IV van Strijen en Oda van Borsselen.
Hij is getrouwd met Catharina Boudynsdr van Naeldwijck, geboren 1291.
Kinderen:

  • Willem Scoblant Hugemansz van Zevenbergen  …. -1375 (Volgt 20)
  • Johanna (Hadewich) van Strijen van Zevenbergen  1318 – 1363, gehuwd met Nicolaas van Borsselen.

 

20. Willem Scoblant Hugemansz van Zevenbergen.
Overleden op 8 oktober 1375. Heer van Zevenbergen, Strijen, Swindrecht en Scoblant (Schobbelands Ambacht), Ambachtsheer van Swindrecht.
Zoon van Hygheman Willemssone II (Hugeman) van Zevenbergen en Catharina Boudynsdr van Naeldwijck.
Hij is getrouwd met Hadewich van der Merwede.
Kinderen:

  • N.N. Willemsdr van Zevenbergen  1365 – …. (Volgt 21)
  • Johanna  1355 -….

 

21. N.N. Willemsdr van Zevenbergen.
Geboren in 1365 te Zevenbergen. Dochter van Willem Scoblant Hugemansz van Zevenbergen en Hadewich van der Merwede.
Zij was gehuwd met Dirck van der Schoer, geboren in 1350. Heemraad in het ‘Ambocht van der Eem’.
Kinderen:
  • Jan Schorensz van Schoer 1380 – …. (Volgt 22)
  • Gerryt van Zevenbergen

 

22. Jan Schorensz van Schoer
Hij is geboren in 1380. Zoon van Dirck van der Schoer en van een dochter van Willem Hugemansz van Zevenbergen.
Hij was gehuwd met een onbekende vrouw.
Zoon:

  • Jacob van Scoer (Volgt 23)
  • Cornelis Jans van Schoer

 

23. Jacob Jansz van Scoer
Hij is geboren in 1410 in Ridderkerk,  overleden na 1479 in Ridderkerk. Waardsman van de polder Oud Reyerwaard 1461.
Zoon van Jan Schorensz van Schoer.
Hij was gehuwd met Baertgen.
Zoon:

  • Dirck Jacobsz van Schoer (Volgt 24)

 

24. Dirck Jacobsz van Schoer
Hij is geboren voor 1430. Hij is overleden in het jaar 1498 in Charlois. Zoon van Jacob Jansz van Scoer en Baertgen.
Schepen van Charlois, hoogheemraad van Dirk Smeetsland en Meester Arend van der Woudensland bij Charlois.
Hij was gehuwd met Hadewij Aertsdr Driel.

Kind(eren):

  • Eeuwout Diercxz. Verschoor  ± 1460 – …. (Volgt 25)
  • Pieter Dircksz. Verschoor  ± 1465 -> 1520  (Volgt Genealogie Verschoor nr. 7b)
  • Florijs Diericks van Schoer  ± 1475 – ….

 

Wapen Verschoor

25. Eeuwout Diericxz Verschoor
Geboren rond 1460.  Zoon van Dirick Jacobsz van Schoer en Hadewij Aertsdr van Driel.
Hij was gehuwd met een onbekende vrouw.
Zoon:

  • Dirck Ewouts Verschoor (Volgt 26)

 

 

26. Dirck Ewouts Verschoor
Hij is geboren in het jaar 1495. Hij is overleden in het jaar 1552. Schepen van Charlois 1543. Zoon van Eeuwout Diericxz Verschoor.
Hij was gehuwd met een onbekende vrouw.
Zoon:

  • Eeuwout Dircks Verschoor (Volgt 27)

 

28. Eeuwout Dircks Verschoor
Hij is geboren rond 1525. Beroep: bouwman te Charlois. Hij koopt tienden te Charlois 1566 en 1569. Hij is overleden tussen 1569 en 1578 in Charlois. Zoon van Dirck Ewouts Verschoor.
Hij was gehuwd met Hadewij Aerts. Geboren in 1530, overleden in 1598.
Kinderen:

  • Aart Eeuwoutsz Verschoor 1555-1622, gehuwd met Pietertgen Willemsdr Cranendonck
  • Lijntgen Eeuwouts Verschoor (Volgt 29)

29. Lijntgen Eeuwouts Verschoor
Geboren rond 1550,  dochter van Eeuwout Dirck Verschoor en Hadewij Aerts.
Zij was gehuwd met Wouter Verduijn. Geboren ca. 1550 te Charlois, overleden 1626 te Charlois. Schepen en Heemraad van Charlois. Zoon van Hendrick Verduijn.
Hij was 1e getrouwd met Maertge Cornelis Varkenoord voor 1578.
Kinderen uit het huwelijk van Lijntgen en Wouter:

  • Cornelis Wouter Verduijn (Volgt 30)
  • Dirck Wouter Verduijn 
  • Willem Wouter Verduijn

 

Wapen Verduijn

30. Cornelis Wouter Verduijn.
Hij is geboren rond 1587 en overleden op 7 januari 1673 in Charlois. Schepen van Charlois en Landbouwer.
Zoon van Wouter Verduijn en Lijntgen Eeuwout Verschoor.
Hij was 1e  getrouwd met Geertruijd Gerrit van Cranendonk.
Hij trouwde 2e op 19 november 1639 te Rotterdam met Grietgen Arijs Sparreboom (overleden na 1675), dochter van Arij Sparreboom.
Kinderen:

  • Arijen Verduijn (Volgt 31)
  • Lijsbeth Cornelis Verduijn

 

 

31. Arijen Verduijn
Geboren circa 1625, overleden na 1712. Schepen van Charlois en Landbouwer.
Zoon van Cornelis Verduijn en Grietgen Arijs Sparreboom.
Hij was gehuwd met Yeffjen Leendertsdr Klaren ( overleden op 25 februari 1702), dochter van  Leender Klaren (Zie Fragment Genealogie Klaren nr. 2) en Beligje Willemsdr Rietveld (Zie Genealogie Rietveld nr. 5).
Kinderen:

  • Cornelis Arijensz Verduijn  1675-1742  (Volgt 32)
  • Leendert Arijensz Verduijn  1677 –     ….
  • Margarithe Arijensdr Verduijn  1681 – ….
  • Johannes Arijensz Verduijn  1683 – < 1688
  • Wouter Arijensz Verduijn  1685 – ….
  • Johannes Arijensz Verduijn  1688 – 1708

 

32. Cornelis Arijensz Verduijn
Hij is geboren op 15 augustus 1675 in Charlois en overleden op 28 augustus 1742 in Bergambacht. Schepen van Charlois en Landbouwer.
Zoon van Arijen Verduijn en Yeffjen Leendertsdr Klaren.
Hij is op 5 december 1706 te bergambacht getrouwd met Christina Willemsdr de Jong, geboren op 4 augustus 1675 in Bergambacht, overleden op 3 april 1743 in Bergambacht. Dochter van Willem Willemsz de Jongh (Zie Genealogie de Jongh nr. 4) en Meynsje Claesdr.
Zoon o.a.:

  • Willem Cornelisz Verduijn (Volgt 33)

 

Hofstede Bouwlust te Bergambacht. Foto: © John Ooms

33. Willem Cornelisz Verduijn.
Hij is geboren in 1707 en gedoopt op 13 februari 1707 in Charlois. Hij is overleden op 14 december 1790 in Bergambacht.  Schepen en burgemeester van ‘s-Heeraartsberg. Overleden 1790 te Bergambacht.
Zoon van Cornelis Arijensz Verduijn en Christina Willemsdr de JongHij is getrouwd op 16 november 1732 te Stolwijk met Cornelia Gerritsdr De Heer, geboren 1712, gedoopt 24 April 1712 in Stolwijk. Zij is overleden op 14 April 1789 in Bergambacht, begraven 15 April 1789 in Bergambacht. Dochter van Gerrit Cornelisz de Heer(Zie Genealogie de Heer nr. 5) en Marritge Cornelisse Boer (Zie Genealogie Boer nr. 10).
Willlem Cornelis Verduijn en Cornelia Gerritsdr de Heer bewoonden de hofstede “Bouwlust” gelegen in de buurtschap Bovenberg van Bergambacht. De hofstede is gebouwd in 1640/50 en gerestaureerd in 1671, dit jaartal staat op de gevel.
Kinderen:

  • Cornelis Verduijn (Volgt Genealogie Verduijn nr. 9a)
  • Meynsje Verduijn
  • Fijgje Verduijn
  • Arie Willemszn. Verduijn

 

33. Meynsje Verduijn
Gedoopt in Stolwijk op 22-12-1737, overleden april 1786, het overlijden van Meynsje wordt door haar man aangegeven op 18 april 1786 te Stolwijk. Dochter van Willem Cornelisz Verduijn en van Cornelia Gerrits-dochter de Heer en een zuster van Cornelis Willemse Verduijn (Volgt Stamreeks Karel de Grote XXIIIa nr. 33). Zij was 1e getrouwd met Jan Jacobszoon Verburg. Na diens overlijden trouwde zij 2e op 6 november 1763 met Cornelis Adamszoon Ooms, (geboren 1728, gedoopt in Bergambacht op 7 november 1728. Overleden te Stolwijk op 19-10-1818), zoon van Adam Janszoon Ooms (Zie Genealogie Ooms nr. 7) en Beatrix Geeresteyn (Zie Genealogie Geeresteyn nr. 4).
Zoon o.a.:

  • Willem Cornelisz Ooms (Volgt 34)

 

 

Ooms wapen nieuw34. Willem Cornelisz Ooms
Hij is gedoopt te Stolwijk op 20 september 1767 en overleden op 26 december 1859 aldaar. Zoon van Cornelis Adamszoon Ooms en Meynsje Verduijn. Hij is landbouwer van beroep en tweemaal getrouwd. Zijn eerste vrouw is Ingetje Pieters Stigter, gedoopt te Stolwijk op 21 januari 1770, overleden aldaar op 6 april 1807. Dochter van Pieter Stigter (Zie Genealogie Stigter nr. 3) en Claasje Stuijver (Zie Genealogie Stuijver nr. 4).
Kinderen o.a.:

 

 

35. Pieter Ooms
Hij is geboren te Bergambacht op 19 november 1796, gedoopt op 23 november 1796 en overleden te Stolwijk op 14 april 1866. Zoon van Willem Corneliszoon Ooms en Ingetje Pieters Stigter.
Zijn eerste vrouw is Catrina de Borst, geboren te Sluipwijk-Reeuwijk op 28 maart 1802 en overleden te Stolwijk 22 maart 1833. Dochter van Dochter van Willem de Borst (Zie Genealogie De Borst nr. 5) en Dirkje Heij (Zie Genealogie Heij nr. 4).
Zoon o.a.:

  • Catharinus Ooms (Volgt 36)

 

 

36. Catharinus Ooms
Hij is geboren te Stolwijk op 17 maart 1833. Zoon van Pieter Ooms en Catrina de Borst.
Hij huwt op 19 februari 1857 te Stein-Reeuwijk met Neeltje van Dam. Dochter van Jan van Dam (Zie Genealogie van Dam II nr. 6) en Johanna Anker (Zie Genealogie Anker 7a). Zij is geboren te Haastrecht.
Zoon o.a.:

  • Pieter Ooms (Volgt 37)

 

37. Pieter Ooms
Hij is geboren te Stein-Reeuwijk op 10-5-1857 en overleden te Hazerswoude op 10-10-1930. Hij is van beroep landbouwer en woont op “de Hazershof ” te Hazerswoude. Zoon van Catharinus Ooms en Neeltje van Dam.
Hij is getrouwd met Dina van Driel,  geboren te Hazerswoude in maart 1862, overleden aldaar op woensdag 24 november 1948,  dochter van Gerrit van Driel (Zie Genealogie Van Driel nr. 17) en Neeltje Wingelaar (Zie Genealogie Wingelaar nr. 6).
Zoon o.a.:

  • Catharinus Ooms (Volgt 38)

 

 

Catharinus

Catharinus Ooms

38. Catharinus Ooms
Landbouwer en veehouder. Geboren te Sluipwijk-Reeuwijk  op vrijdag 24 juni 1892, wonende te Zevenhuizen, overleden aldaar op  maandag 12 juli 1954. Zoon van Pieter Ooms en Dina van Driel.
In het jaar 1892 toen Catharinus werd geboren, waren er in Nederland zo’n 5 miljoen inwoners.
Catharinus is getrouwd te Zevenhuizen op donderdag 22 mei 1919 met Jannigje-Aartje van Vliet, geboren te Zevenhuizen op woensdag 12 september 1894, overleden aldaar op zondag 7 maart 1982, dochter van Willem van Vliet (Zie Genealogie Van Vliet nr. 7) en Johanna Ooms (Zie Genealogie Ooms 12b) .

Zoon:

  • Willem Pieter Ooms (Volgt 39)

 

Willem Pieter Ooms

Willem Pieter Ooms

39. Willem Pieter Ooms
Meubelmaker en stoffeerder. Geboren te Zevenhuizen op zondag 1 juni 1924, wonende aldaar, overleden te Gouda op maandag 1 september 1998. Zoon van Catharinus Ooms en Jannigje-Aartje van Vliet. In het jaar 1924 toen Willem Pieter werd geboren, waren er in Nederland 7,2 miljoen inwoners.
Willem Pieter is getrouwd te Zevenhuizen op donderdag 13 november 1947, op  23-jarige leeftijd met zijn buurmeisje Ariana-Juditha Braat (27 jaar oud), geboren te Zevenhuizen op maandag 29 maart 1920, overleden aldaar op vrijdag 27 augustus 2010, 90 jaar oud, dochter van Gerardus Braat (ZieGenealogie Braat nr. 11) en Mijntje Pruissen (Zie Genealogie Pruissen nr. 7 ).
Uit dit huwelijk waren vier kinderen, jongste zoon:

  • Johnny Ooms (Volgt 40)

 

johnny

Johnny Ooms

40. Johnny Ooms
Geboren 15 februari 1958 op de Noordelijke Dwarsweg 13 te Zevenhuizen. Het telefoonnummer was toen: 01802-318.
Jongste zoon van Willem Pieter Ooms en Ariana Juditha Braat.
In het jaar 1958 toen Johnny werd geboren waren er in Nederland 11,1 miljoen inwoners.

John was 1e gehuwd op 11 augustus 1981, gescheiden 2012.
John is 2e gehuwd op  9 maart 2018 met Ineke van ’t Ende.

Kinderen uit het eerste huwelijk:  2 zonen
John is tevens grootvader van 2 kleindochters.

 

Zie ook:

Van Karel de Grote tot Ooms

  facebook        

© 1 februari 2019